Gisteren in de vrouwenafdeling van de onsen liepen werkelijk alle soorten lichaam door elkaar. Dik, dun, grote borsten, smalle billen, je kunt het zo gek nog niet bedenken of het liep erbij. (Alleen geen tattoos, die zijn ten strengste verboden). In een cultuur waar toch ook veel schaamte heerst (gevoelens worden in uitzonderlijke gevallen getoond) is het samenzijn in bv een badhuis weer doodnormaal. Niemand schaamde zich voor haar lichaam. (Zo leek het tenminste)
En vandaag kwam ik onverwachts in een naaiatelier terecht. Ik had een bekakku tempel (een van de 20 andere tempels) bezocht en wilde in het boekje de route bekijken.

In de verte zag ik een tunnel en ik betwijfelde of ik er door moest gaan. Het waaide heel hard dus ging ik aan de zijkant van een gebouw staan. Ik werd eigenlijk direct binnen geroepen. 4 vrouwen om me heen die allemaal in het Japans wilden helpen. Met de Google translate kon ik mijn vraag duidelijk maken. Ondertussen kreeg ik een kopje thee en handenvol snoepjes, een cakeje en nog meer. Er kwam een duidelijk deftige dame binnen. (Daar stond ik met mijn bemodderde schoenen). Eigenlijk kwam ze haar nieuwe kleren passen, maar toen ze mij zag wilde ze eerst helpen. Op een bepaalde manier ervaarde ik een soort kracht van vrouwen, zoals de sfeer in dat badhuis ook was. Je voelt een soort zelfvertrouwen, zwakheden zijn geaccepteerd en doen er niet toe en dat dan met elkaar. Je voelt het ook als je in islamitische landen in een vrouwenvertrek bent.
‘Gewapend’ met een tas vol snoep ging ik op weg, toch door de tunnel dus. Toen ik eruit kwam dacht ik ‘laat ik eens een snoepje proberen’. Ik deed mijn handschoenen uit en wilde een snoepje pakken.
Aan de overkant van de weg stopte een motor. De berijder riep iets naar me toe en pakte iets uit de motor.

Hij bracht me twee handschoenen, ondertussen uitroepend ‘yama (berg) snow’. Hij zag er ‘blits’ uit met een spiegelende zonnebril, maar toen ik vroeg of ik een foto mocht maken, rende hij terug naar de overkant en stond hij direct achter zijn motor (zonder bril helaas).
Kracht – zelfvertrouwen – en hulp….het kan van en door van alle kanten komen.
Toen ik hierna verder liep werd het kouder en kouder en belandde ik in een soort sneeuwstorm.

Daar kreeg ik direct een kopje thee van de stempeldame. We raakten in gesprek, ze kwam uit Korea, woonde al 20 jaar in Tokushima en doceerde Koreaanse dans aan de universiteit. Ze gaf me ook een soort grof gehaakt babysokje, maar dat was het niet, ik kon het gebruiken om de afwas (?..). Ik zie wel.

(Binzuru was een monnik die teveel dronk en daarom niet meer in de tempel mocht. (Laat staan het paradijs…) zijn beeld staat in alle tempels (inderdaad, buiten de hoofdhal)
Vandaag was het een korte dag, de daken zijn bedekt met sneeuw. De dame van de ryokan zegt dat het morgen droog zal zijn.

En er zijn vandaag verkiezingen en ook hier heerst de sfeer van ‘aan de slag’. En nu maar hopen dat ze ook werkelijk iets gaan doen.
Maar eerst ga ik morgen weer aan de slag.
