Belfast

Maandag 17 juni Gisteren op ‘normale’ manier hier aangekomen. Alsof je met de trein van Utrecht naar Eindhoven gaat. Ik ben nu in Nrd Ierland, dat bij Engeland hoort, maar behalve dat ik nu alles in Engelse ponden moet betalen merk je er dus niets van. Geen grensovergang, geen douane, gewoon uit de trein stappen en met de andere passagiers het station verlaten.

‘sMiddags wat door de stad gelopen. Heel veel winkels staan leeg en met de luiken dicht geeft dat een luguber beeld.

Er is wel een nieuw winkelcentrum met alle winkels en fastfood zaken die ook bij ons zijn. Ik zie hier veel dikke mensen en besluit alweer….streng op mijn eten te gaan letten.

Dinsdag 18 juni vandaag bijna de hele dag in west Belfast rondgelopen, de wijk van de Ira, Sinn Fein. Het is al weer een hele tijd geleden dat hier de onlusten waren maar ‘the Troubles’ leeft nog steeds.

De peace wall

Deze muur staat om de plek waar de gebouwen van het Britse leger stonden en van waaruit geschoten werd op de protesteerders die op de Falls road liepen. Op een gegeven moment was de hele wijk met muren omgeven. Gedeeltes van die muren staan er nog steeds.

Onderdeel van de muur
Herdenkingsplek van Sinn Fein.

Zo ongeveer iedere groep heeft zijn eigen herdenkingsplaats. En dan is er vaak ook op elke plaats waar iemand gedood werd een plaquette of schildering op de muur.

En zoveel, zoveel.

Robert, de gids

Deze man heeft 12 jaar in de gevangenis gezeten. Zijn hele familie was bij de onlusten betrokken. Nu geeft hij samen met ex loyalisten voorlichting op scholen.

Ik vraag me in dit soort situaties altijd af wat ik gedaan zou hebben als ik daar toen woonde, ongeacht of ik katholiek, protestant of Engelse militair zou zijn geweest. Wat heb ik toch niets op dat gebied meegemaakt, wat leven wij toch in een luxe, een luxe die ik me vaak niet realiseer.

Op reclame een herdenkingsbijeenkomst

In het IRA museum
13 jaar

Bobby Sands is een van de bekendste Ira leden, hij stierf als gevolg van een hongerstaking in 1981. 1981…..toen was ik 28. Vaag herinner ik me uit die tijd de gebeurtenissen in Nrd Ierland. Vooral dominee Paisley. Ik was toen met hele andere dingen bezig. Later kwamen er documentaires en films, die herinner ik me nog wel. En vorige maand zond de vpro een prachtige serie uit over The Troubles.

Bobby Sands

Overal politieke boodschappen
Miriam Daly

Miriam Daly hoorde bij een pacifistisch-socialistische groep.

The Blanket Man

Nugent weigerde gevangeniskleren te dragen en hield zich met een deken warm.

Muurschildering op een nieuw huis

Ik ben op zoek gegaan naar een muurschildering ter nagedachtenis van de vrouwen. Zou op deze plek moeten zijn. En is waarschijnlijk dus overgeschilderd. In de wijk is er veel nieuwbouw, omdat er alweer lang geleden veel huizen bij de onlusten beschadigd werden en omdat wat er nog stond klein, oud en verkrot was (er staan nog wel erbarmelijke huisjes).

Straatbeeld

( Plastic bloemen zijn erg populair hier. Zelfs bij de huizen eergisteren op weg naar de botanische tuin in Dublin zag ik heggen van plastic)

Een van de oudste muurschilderingen

Het zal nog jaren duren eer de wonden van de Troubles geheeld zijn. (En laten we hopen dat ze helen)

En de schilderingen vergaan zijn.

Happy Bloomsday

Zondag 16 juni this is the day

In de National Galery werd een rondleiding georganiseerd langs schilderijen die de tijd van Ulysses afbeelden. Omdat ik er wat eerder was kon ik er heerlijk nog wat andere werken bekijken.

Tja, omdat het Bloomsday is zijn veel mensen verkleed als Bloom of Molly zijn vrouw. Het belangrijkste is het strooien hoedje van Bloom.

David Byrne en zijn café spelen een rol in het boek

Voorlezen, voorlezen…..bij elk schilderij werd een bijpassend fragment uit Ulysses voorgelezen.

Deweys’ farmacy

Deze drogisterij is nog helemaal zoals hij er rond 1905 uitzag. Vooraan ligt de zeep die Bloom voor Molly zijn vrouw moet kopen.

Het was erg druk in het piep kleine winkeltje. Naast de verkoop is het vooral de bedoeling dat ieder zijn of haar favoriete passage voorleest. (Max 3 minuten tijd)

’s Middags heb ik wat door de stad gewandeld. En natuurlijk ‘viert’ lang niet iedereen Bloomsday, in tegendeel. Maar het is erg leuk te zien dat jong en oud, gewoon en snob deze dag vieren.

Een korte impressie

En ’s avonds was er dan als afsluiting een straattoneel voorstelling, weer uitgevoerd door jong en oud.

Een van de mooie aspecten van het boek is dat het over gewone, arme mensen gaat. Die allemaal in hun waarde worden beschreven. Mensen van vlees en bloed. Leonard Bloom is een gewone scharrelaar en hij probeert zowel materieel als geestelijk zijn hoofd boven water te houden in het Dublin van 1905. Zijn problemen: overspel, het verdriet om een jong gestorven kind, geld en de ‘grotere’ problemen: racisme, identiteit, nationalisme, onderdrukking (de katholieke kerk, Engeland), prostitutie, alcoholisme, ze worden allemaal op die ene dag, 16 juni beschreven…..maar dan wel in 800 bladzijden.

En na dat toneel hadden zowel mijn voeten, (ik heb de bus teruggenomen) als ik zelf het wel helemaal gehad.

‘Het water stroomt, het leven stroomt’ (Bloom)

Dit schilderij is gemaakt door J.B. Yeats, (broer van W.B. Yeats) Hij is een tijdgenoot van Joyce, hij woonde ook in Dublin en heeft hier een zwemwedstrijd in de Liffey geschilderd.

Vervolg

Zaterdag 17 juni

Vandaag ben ik naar de botanische tuin en het kerkhof… geweest. Het was een uur lopen en de omgeving werd steeds armer. Zie je in het centrum erg veel daklozen, bedelaars (in tentjes, slaapzakken, op karton) nu liep ik door straten waar gedeald werd. Ierland is een arm land met grote klassenverschillen.

Oude victoriaanse kassen

De botanische tuin is enorm groot, het is hier heerlijk wandelen.

Orchidee in een van de kassen
Naast de tuin het kerkhof

Glasvenir kerkhof

Een bijzonder kerkhof! Op een dergelijk was ik nog nooit. Hier liggen veel beroemdheden uit de Ierse onafhankelijkheidsstrijd en ik denk dat er ook veel Amerikanen komen om naar een voorouders te zoeken.

Daarom is er een enorm visitors centrum met een prachtig restaurant, een museum, een grote winkel (met alles wat in een museumwinkel te koop is), rondleidingen en een informatiecentrum.

Ook in Ulysses Glasvenir

Odysseus reist naar ‘het land van de doden’ om van Tiresias te leren hoe hij weer terug naar Ithaca kan en ook Bloom bezoekt in het hoofdstuk ‘Hades’ het rijk der doden: zijn vriend Paddy Dignam wordt er begraven en ondertussen mijmert hij over sterven, piekert hij erover hoe hij weer naar huis kan en denkt (altijd praktisch!) over telefoonlijnen.

Op het kerkhof is in het kader van Bloomsday dus een tentoonstelling over Joyce en het boek. Zondag wordt hier de begrafenis ‘nagespeeld’.

Ik heb er wat rondgekeken en het graf van Brendan Behan bezocht, dichter, revolutionair en alcoholist. Op zijn graf stonden glazen met bier.

Alcohol…. wat wordt er hier veel gedronken. De combinatie van alcohol met het nog strenge katholieke geloof (om de honderd meter zie je hier een kerk) lijkt me fataal.

Ecclesstreet

Via Ecclesstreet (waar het woonhuis van Bloom stond) terug naar het centrum gelopen en diverse plekken uit het boek bezocht. Er is veel veranderd en nauwelijks iets echt bewaard gebleven, maar zo’n tocht geeft wel een mooie niet-toeristisch beeld van de stad. (Ik heb nog niet 1 toeristisch highlight gezien).

En ‘s avonds weer een prachtig recital.

Dit keer met geschoolde opera zangers die liederen zongen die in het boek voorkomen. Zoals ‘The last rose of summer’ en duetten uit Don Giovanni en Carmen.

De Ulysses

Vrijdag 14 juni

De Ierse zee

De Ulysses correspondeert met de Odyssee van Homerus (die een tocht van 40 jaar over de zee maakt) en het is mooi weer vandaag, dus wandel ik 14 km langs de kust naar Sandycove Tower, waar Joyce woonde en waar het eerste hoofdstuk van het boek afspeelt.

Sandycove

Ik weet niet meer precies waarom ik het boek ben gaan lezen, ik denk dat het op mijn lijstje ‘nog te lezen maar wel met begeleiding’ staat, een lijstje met boeken die moeilijk zijn en die ik heel graag wil lezen. Vorig jaar geleden was een kroonjaar en werden er veel activiteiten rondom het boek, zoals een hovo cursus en een podcast serie waarin het hele boek door Ierse en Engelse schrijvers werd voorgelezen, georganiseerd.

De Martello toren in Sandycove

Langs de hele Ierse kust staan dit soort torens, gebouwd om de troepen van Napoleon tegen te houden.

Dus kocht ik het boek vorig jaar (in het Engels…) en begon te lezen. De eerste twee hoofdstukken lazen prettig, van het derde begreep ik weinig. Dus kocht ik de Nederlandse vertaling, dit hielp niet echt.

De slaapkamer van Joyce

Gelukkig was er de podcastserie, en tot mijn plezier was er via internet een bijbehorende uitleg, verklaring, enz.

En toen kwam ook de hovo cursus nog. Daar werd nauwelijks (!) iets uitgelegd, maar hebben we veel naar het voorlezen van stukken tekst en naar muziek geluisterd (de muziek speelt ook een grote rol in het boek, van smartlappen, ballades tot opera’s)

Ik heb me met behulp van dit alles het boek doorgeworsteld.

Toen het uit was, had ik ook echt het gevoel er ‘ klaar’ mee te zijn, dwz het boek is uit. Had ik het helemaal doorgronden? Begreep ik alles? Zag ik de structuur? De symboliek? Nee, ik ben (nog steeds) een beginnelinge.

Er lijkt weinig in het boek te gebeuren, maar de pagina’s bevatten alles van het leven. Het boek beschrijft de gebeurtenissen op 1 dag in Dublin, een beschrijving vooral door wat zich afspeelt in het leven en het bewustzijn van twee mannen: Leonard Bloom en Stephen Dedalus en een vrouw: Molly Bloom.

En het boek ging voor me leven, de inhoud ging voor me leven. Ik kreeg een band met het boek. We spraken met elkaar.

Dat was een jaar geleden.

De rivier de Liffy

En toen ik gisteren met de bus aankwam en over de brug over de rivier de Liffy reed, dacht ik meteen ‘Ja, hier dwarrelde het papiertje uit de hand van Bloom de rivier in’.

En de meeuwen waar Bloom zijn brood aan voerde zijn er nog steeds.

Alles uit het boek kwam terug, het ging ahw weer leven. En ik dacht: dat boek moet ik toch weer gaan lezen……..

Aankomst in Dublin

Uitspraak van James Joyce

Met het gevoel een nacht te hebben overgeslagen zit ik nu, plaatselijke tijd 5 uur in mijn hotelkamer. En dat gevoel klopt wel. Om 3 uur vannacht opgestaan, met de trein van 4.10 uur vertrokken, 2 uur wachten op Schiphol en om kwart over 8 met een uur tijdsverschil in Dublin aangekomen. Het plensde (verleden tijd! Nu schijnt de zon, voor hoe lang…..), maar gelukkig heb ik mijn lange regenjas aan dus kan ik rustig door de stad lopen.

Het doel van deze reis is James Joyce, preciezer: Bloomsday, a.s. zondag 16 juni.

In het James Joyce museum

Bloomsday is gebaseerd op het boek Ulysses (geschreven door James Joyce). Dit boek is een beschrijving van 1 dag (16 juni 1904) uit het leven van Leopold Bloom. Deze datum is Bloomsday geworden en rond die dag wordt het Bloomsdayfestival gehouden.

Liederen op teksten van James Joyce

Er is hier van alles: van lezingen, discussiebijeenkomsten, films, toneel- en zangvoorstellingen en voorleesmarathons tot verkleedpartijen op 16 juni. (Kom daar maar eens om in Nederland) Ik heb alweer een tijd geleden kaartjes voor 4 voorstellingen gekocht (elke dag 1) en ga tussendoor naar nog wat andere dingen.

Vandaag ben ik naar het James Joyce museum geweest, heb de liederen voorstelling bijgewoond, wandelde wat door de stad en zit nu dus op mijn hotelkamer en schrijf aan dit blog.

Intermezzo

Toen bleek mijn telefoon bijna leeg te zijn. Een converteren….op naar de Tesco aan de overkant, die verwees me naar de Spar verderop, die verwees me naar de Tesco weer verderop. De bediende daar wist geen technical shop in de buurt. Bij het naar buitenbaan viel mijn oog op de winkel aan de overkant: ‘Your technical shop’. 

Ik heb nu dus een converter (en thuis nog 2)

Vlakbij het hotel is st Stephen’s Greenpark, het grootste park in Dublin. En nu de zon nog steeds schijnt heerlijk om nog even door te wandelen.

Het park staat vol met beelden van mensen die een rol speelden in de diverse opstanden. Tijdens de paasopstand van 1916 verschansten de opstandelingen zich o.a. in het park.

‘Died not for flag, nor King, nor Emperor

But for a dream born in a herdsman’s shed

And for the secret Scripture of the poor.’

Nu is het er vredig.

En de hoogste tijd om te gaan slapen.

A night at the opera

Ja, dat was vanavond maar laat ik met vanochtend beginnen. Toen ben ik eerst -zo vroeg mogelijk- naar een afdeling in het Zwinger geweest waar een enorme collectie Europese schilderijen uit de 16e – 17e eeuw hangt: ‘Die Alte Meister’. Zalen vol met schilderijen uit Italië, Frankrijk, België / Nederland, Duitsland, Spanje….. het ging maar door.

Ook hier: kiezen, een land en dan ook nog misschien wel een zaal.

Na de ‘beroemde’ schilderijen bekeken te hebben, heb ik de Duitse afdeling uitgebreid bekeken, want daar ben ik nu.

Hier een die ik heel mooi vind.

Notaris Godsalve door Hans Holbein (detail)

En er hangt -natuurlijk- ook werk van Durer.

Bernard von Rensen

En een schilderij van Bernardo Bellotto, geboren in Venetië, gestorven in Warschau en schilderend in Dresden.

Dresden in 1748/49
En zo ziet het er nu uit

Na een lange wandeling langs de oevers van de Elbe heb ik nog wat in de oude binnenstad rondgelopen en moest me daarna klaarmaken voor de opera. Hiervoor heb ik een jurk meegenomen omdat ik hoorde dat het hier er nogal netjes, uitgaande aan toe gaat. En dat klopt! De tijd van smoking en lange jurk is voorbij, maar hier lopen ze er nog wel in en het zijn er niet een paar. Er liep een enkele dame in lange broek, maar dat was dan ook weer zo’n broek waar je eigenlijk niet zo veel in kon doen, behalve ermee naar de opera gaan dan.

De Semperopera

Het gebouw zelf is al een excursie waard. Het is in 1838 in neo Renaissance – Saksische stijl gebouwd. Na de 2e Wereldoorlog lag ook dit gebouw in puin, in 1985 was de reconstructie klaar.

Het plafond in de koepel is helemaal beschilderd. Hoofdzakelijk met romantische taferelen. Ik denk scènes uit opera’s. ( lijkt me logisch).

Detail van het plafond
Nog meer plafond, hier is nog net het woord ‘Beethoven’ te lezen

Letterlijk alles is versierd.

Duitsland en Faust…
‘Frau ohne Schatten’ van Richard Strauss

En hoe was de opera?

Dat zou je in dit prachtige gebouw waar zoveel te zien is bijna vergeten. Maar hij was prachtig. Ik vind het toch altijd een soort ‘totaal-theater’, prachtige zang, mooi orkest en dan die decors, schitterend!

En hier past het allemaal bij elkaar. Het is echt 1 geheel van die drie zelfstandige grootheden. (En ook nu is het geheel meer dan de som meer van de delen) De melodie van het orkest volgt het verhaal, beeldt het verhaal uit, ondersteunt het en is ook vaak zelfstandig. Soms lijkt het alsof er ‘twee orkesten’ zijn, het ene met lichte, mystieke klanken uit de ene wereld, het andere met duistere, zware tonen voor de gewone, arme wereld.

En de cello speelde soms tussen de bedrijven een prachtige, tedere solo.

Ik vond de solisten prachtig zingen. Altijd weer een raadsel hoe ze het op zo’n hoog niveau 3,5 uur zo goed volhouden.

De belangrijkste motieven in het verhaal zijn het verlangen naar een kind (‘Schatten’ betekent hier kind) en de mens die ‘versteent’ als hij in contact komt met de armoede en ellende van de gewone mensen. Het verhaal speelt zich in verschillende soms sprookjesachtige werelden af en zit vol met symbolen en commentaren uit de geesteswereld. Ik had het gelukkig voorbereid anders was het moeilijk te volgen. Ik kwam er niet toe de verhaallijn geboeid te volgen, maar ik kwam tenslotte voor de muziek en die was schitterend.

En ja ook hier gaat het zo keurige, ietwat stijve publiek uit het dak. Gelukkig niet na elk mooi gevonden deel, maar wel na het slot. Op hun manier dan, netjes.

ps volgend seizoen speelt de Nationale Opera ‘Frau ohne Schatten’ (April 2025)

Dresden

Ik ‘was in de buurt’, dus besloot ik ook enkele dagen hier, in Dresden door te brengen. Ik kwam gisteravond aan en was binnen een kwartier in mijn hotel.

Tja, de reis…… gelukkig adviseerde de eerste Duitse conductrice die mijn kaartje kwam kontroleren me de app van de Duitse spoorwegen op mijn telefoon te installeren, want na Keulen heb ik volgens een andere route in allerlei treinen gezeten maar niet meer in de door mij gereserveerde treinen. Ik had de avond voor vertrek nog een reiswijziging van de ns ontvangen, maar die was alweer uit de mogelijkheden verdwenen.

Mijn doel werd: ‘zitten in een trein richting Dresden’, de conducteurs keurden mijn kaartje goed, waarschijnlijk waren zij allang aan de situatie gewend en geldt nu bij controle ‘is er een kaartje, richting het doel van de reis’.

Binnen een kwartier was ik in het hotel, dit staat achter het Kulturpalast, een van de vele overblijfselen uit de DDR tijd.

Muurschildering

‘s Avonds heb ik nog een kleine wandeling in de buurt gemaakt.

Vandaag heb ik heerlijk ontbeten met dit prachtige uitzicht op de Frauenkirche.

De kerk is bij het bombardement in 1945 helemaal verwoest (net als bijna alles in Dresden), en is na de oorlog weer helemaal opgebouwd, ook nu weer is het ‘net als alles’ in de oude binnenstad.

Ter herinnering een laatste stuk ruïne
De muur van het Zwinger
De toegangspoort

Morgen meer ‘oude stad’, vandaag had ik zin om bij de geschiedenis wat dichterbij te zijn. Twee boeken die in Dresden spelen hebben veel indruk gemaakt, de dagboeken van Victor Klemperen (1933-1945 en 1945 – 1959) en ‘De Toren’ van Uwe Telkamp.

Na de oorlog zijn er geen plekken van Victor Klemperer meer om te bezoeken. Alleen de ‘Pragerstrasse’, hij beschrijft hoe hij hier liep nadat de eerste maatregelen tegen de Joden waren ingevoerd en er mensen waren die hun hoed voor hem afnamen. Deze straat bestaat nog steeds, maar is nu een brede winkelstraat met hoge flats.

En de Elbe, hier rende de inwoners naartoe toen hun stad in brand stond, ze sprongen, ongeacht de brandende olie die er opdreef, in het water omdat ze dachten daar veilig voor de vuurzee te zijn.

Klemperer overleefde de oorlog en besloot in Dresden te blijven wonen, ook toen het communistisch werd. In de latere dagboeken beschrijft hij hoe hij in Dresden bleef wonen en het regime aanvankelijk het voordeel van de twijfel gaf.

‘De Toren’ is in het boek de naam van de wijk waar Uwe Telkamp opgroeide en het verhaal zich afspeelt.

Zicht op Loschwitz

Ik heb thuis al jarenlang een beschrijving van een wandeling door deze wijk liggen, maar vergeten mee te nemen. In het toeristenbureau had de jonge medewerker nog nooit van Uwe Telkamp gehoord….. maar gelukkig hoorde een oudere vrouw van ons gesprek en gaf me de tip naar een boekwinkel onderaan de kabelbaan te gaan.

Het is een lange tocht door Dresden met een tram en een bus, het openbaar vervoer is hier goed zo blijkt. Zoals de hele wijk is de boekhandel mooi en oud. Het boekje met de wandeling is uitverkocht, maar ik kreeg veel tips.

Ik heb vanmiddag heerlijk in de zon door de wijk (vooral klimmend en dalend) gewandeld, met af en toe wat nevelige uitzichten op de Elbe en de bergen in de verte. Er staan hier prachtige oude huizen, ‘allemaal met hun eigen gezicht’ (zoals er in de boekwinkel gezegd werd) en er hadden nog meer beroemdheden gewoond, dus hieronder een kleine selectie.

‘Het huisje van Schiller ‘
Het huis waar Frank Kafka en Thomas Mann in Dresden verbleven
Het ouderlijk huis in Der Turm

Overigens, in de DDR tijd woonde hier dus niet 1 familie. Er woonden vaak veel families elk in 2 kamers en de keuken en de wc moest gedeeld worden.

Stijl naar beneden

De oudste kabelbaan ter wereld (zegt men)

Het boek eindigt met de eerste grote protesten tegen het regime waarmee in 1989 Die Wende begon. Ze worden bij het station tegen gehouden door militairen. De moeder van Christiaan -de hoofdpersoon- loopt voorop. In de gevechten die ontstaan komt ze tegenover haar zoon te staan die als dienstplichtige door het regime is ingezet. Hij wist niets van haar mening, haar meedoen met de demonstraties.

Gedenksteen bij het station

Zo ging dat toen. Moeder en zoon wisten niets van elkaars mening, bang voor verraad, onderdrukking, moeder en zoon.

Het zit er bijna op

Gisteravond ben ik hier, weer in Chennai aangekomen en overmorgen vertrek ik (als alles goed gaat) weer naar huis.

Vandaag, 20 januari heb ik (hoofdzakelijk via de metro) wat rondgekeken in de stad en geprobeerd nog wat spullen te kopen. Maar ja……al reizende zie je de mooiste kleren; alweer een idee! En nog een! Het ene nog leuker dan het andere en ga dat maar eens zoeken in deze enorme stad, dat is dus compleet onbegonnen werk.

Ik belandde eerst in Spencer Palace, een enorm winkelcentrum, een beetje vergane glorie. Veel kasjmier handelaren die zich direct aan me vastklampten. Bij Fabindia (een betrouwbare winkel met kwaliteitsartikelen) wees het meisje naar de overkant.

Onderweg naar ‘de overkant’ bracht een tuktuk me naar Wild garden, een ontzettend duur, klein en beeldig complex met winkels en een restaurant in een tuin.

Tentoonstelling

Ik kwam eerst op een tentoonstelling met prachtige ontwerpen. Het ene nog kleurrijker en fantasievoller dan het andere.

Ook India

De kleren waren ook te koop en natuurlijk vond de verkoopster dat e.e.a. me beeldig zou staan, ik heb maar niet proberen uit te leggen dat bv de rose jas wat onhandig op de fiets in de storm, in de regen in Nederland zou zijn.

Verder lopend in het complex belandde ik in een winkel met prachtige kleren en dito prijzen. Hier ging ik gauw weg, want de kleren; de sjaals en de sieraden, het was allemaal beeldschoon. Beneden was een soort terras met uitzicht op een tropische tuin, daar heb ik een kopje echte cappuccino gedronken.

Maar geen Anna Paulowna boom

Dit blad herinnert me aan de Anna Paulowna boom, een boom op de hoek van de Biltstraat en de Berenkuil, een boom met prachtige bladeren. Er langs fietsende nam ik telkens wat (dacht ik) zaden mee, eerlijk gezegd ik plukte ze van de boom. Tot ik de bewoner tegenkwam die me vertelde dat het al de nieuwe knoppen voor het volgend jaar zijn die aan de uiteinden van de takken zitten, dus ik had niets aan mijn ‘zaden’. Maar ik kan de zaden wel bestellen en dat heb ik nu gedaan.

Uitzicht!

De ingang van deze Wild Garden is in een armoedige, smerige straat. De helft is opengebroken omdat de metro wordt uitgebreid. Er zitten bedelaars op straat, er lopen half verwilderde honden. De ingang wordt bewaakt door een gewapende portier (dat zie je hier heel vaak), ik kan (waarschijnlijk omdat ik een westerse toeriste ben) gewoon naar binnen lopen.

Dat zie je hier vaak, vanuit de metro (die gedeeltelijk boven de grond is) staat een prachtige flat met een tuin op het dak naast een krottenwijk die aan de rand van een smerig stinkend kanaal ligt.

Enorme tegenstellingen, heel erg rijk en heel erg arm, dicht naast elkaar met zo’n grote kloof ertussen.

In Pondicherry is de winkel van Fabindia enorm groot, zowel in Madurai als hier in de Spencer express is hij veel kleiner. Ik hoopte dat Fabindia ‘aan de overkant’ groter zou zijn. ‘Aan de overkant’ staat Expres Avenue, een enorm winkelcentrum met bijna alle winkels zoals we die ook in Nederland kennen. (Met dezelfde prijzen)

Beneden was een supermarkt waar ik natuurlijk wat rondsnuffelde.

Alles is druk in India, dus ook de opstelling in de supermarkt

Behalve de westerse merken zijn er ook nog traditionele winkels.

Ontwerper van bruidegoms kleding

En nu is het alweer zondagmorgen. Ik heb zojuist ingecheckt voor morgen, nog 1 dag te gaan!

Tirupati………haar

Ik had al eerder bemerkt dat er rond de tempels bij de pelgrims het haar wordt afgeschoren, maar nergens wordt zoveel geschoren als hier, in Tirupati. Het verhaal gaat dat door het scheren de zonden ‘verdwijnen’.

Dus zie je overal ‘versgeschoren’ kinderen en mannen. En soms een vrouw, maar veel minder. Ik denk dat die zuinig op hun vaak mooie lange haar zijn.

Maar ze zijn er wel

De tempel haalt zo 143 ton haar per jaar op en verkoopt dit op de internationale markt voor ruim £2 miljoen (dit bedrag is van de BBC, er gaan verschillende bedragen op het internet rond). Het haar wordt -ook in Nederland – gebruikt om pruiken van te maken.

Ik heb ooit een documentaire gezien waarin een vrouw haar haar (uit armoede) verkocht aan de tempel, maar ik denk dat dat een andere situatie is.

De tempel zelf besteedt het geld aan goede doelen.

De tempels hier zijn gewijd aan Vishnu, de god die de schepping in stand houdt en het evenwicht tussen goed en kwaad bewaakt. Waarom Vishnu? In dit Tamilland waar bijna alle tempels aan Shiva zijn gewijd? De koninklijke familie hier koos in de 13e Vishnu als beschermgod en de stad bereikte in de daarop volgende eeuwen een enorme rijkdom en zo werd Vishnu populair.

Ook hier moest ik de telefoon en schoenen inleveren, jammer geen foto’s van de prachtige en enorme tempels, maar wat een rust: geen ‘selfies’ met die witte vrouw, ik kon zomaar rondlopen.

Ik werd hierbij gecoached door de tuktukman, die me de weg wees. Ook adviseerde hij mij een ‘quick darshan’ kaartje te kopen (20 rsp), hiermee kon ik in een korte rij op weg naar de goden, in dit geval dus de beelden van Vishnu. Op het einde voegde onze quick rij zich bij de erg lange niet betalende rij en werd het toch nog een enorm gedrang. Bij alle beelden staat weer een brahmaan die zegent en geld int. Zo fluisterde er een me ‘donation’ toe en kneep in mijn arm (gelukkig alleen mijn arm, want wat doe je als zo’n man je tussen al die mensen je ergens anders knijpt?)

Na de puja, met het teken van Vishnu op het hoofd

Het blijft indrukwekkend door die eeuwenoude gangen (met prachtig beeldhouwwerk) naar een verlicht kapel op het einde te gaan waar het beeld van de god je aankijkt. ‘Het evenwicht tussen goed en kwaad’ – krachten die wij mensen allemaal in ons hebben, en vaak is er van evenwicht niet veel sprake.

En je krijgt dus het teken van Vishnu op het hoofd. Nadat ik alle kapellen had bezocht, kreeg ik weer prasad, een hapje. Dit keer gekruide rijst.

In de tweede tempel ging alles weer op dezelfde manier, en hier stond weliswaar zo maar buiten, zonder priester en een beetje verwaarloosd een beeld van Ganesh.

Ganesh is de god van wijsheid en kennis, hier afgedankt?

Avatars

Vishnu heeft 10 avatars, incarnaties, waaronder Krishna, Ram en Boeddha. Deze zijn op de toegangspoort afgebeeld en er staan ook prachtige beelden van hen in een lange rij na binnenkomst.

Het heilige der heilige heeft altijd een gouden dak

Na de rondgang in de tweede tempel kon ik met mijn kaartje van wederom de ‘quick darshan’ (hier 5 rsp) een soort zoete bal en een hapje gekookte rijst halen.

Ik vind dat een mooi principe, iets te eten krijgen na de rondgang. In andere tempels maakte ik ook eens mee dat de mensen voor de tempel iets om te offeren konden kopen, dit bij de goden offerden, waarna het op het einde van de rondgang door een priester weer werd uitgedeeld.

En weer een ander principe

En dan viel mijn oog ook op dit bordje, prachtig om de dharma (hier de kosmische wet waarop de werkelijkheid rust -ik zeg het even in een wel heel korte zin -) te beschermen, en die Hindu dharma te beschermen tegen de westerse cuture? (Er staan vaker spelfouten op Engelse teksten), of is het geen spelfout maar wordt couture bedoeld?

En zo rol ik de moderne tijd in

Met alle ge- en ongemakken erbij

The sleeper

Ik stond gisteren natuurlijk om kwart over zeven al (en dus veel te vroeg) op het station. Aan de overkant stond een trein, ik had uitzicht op de ‘sleeper’. Dat is een coupé voor zes mensen met twee keer drie bedden om te slapen. Want de reis duurt meestal lang in deze trein, hij legt enorme afstanden af, loopt altijd veel vertraging op en heel vaak begint de reis ook ‘ ‘s nachts.

Bij het zien van die trein stond ik te mijmeren, de vorige keren reisde ik vaak met de sleeper, erg leuk (als je er net in bent) en na een poosje dodelijk vermoeiend, want je zit/ligt voortdurend in the picture en geen deur om dicht te doen. Altijd contact! En altijd druk!

Hoe zou dat nu zijn in the sleeper te reizen? Het was altijd zo verschrikkelijk vermoeiend, hoe zou ik er nu uitkomen?

Voor deze reis kon ik mijn treinkaartje thuis al kopen, en ik had eigenlijk alleen maar gekeken welke trein overdag reed, zodat ik er niet in ‘hoefde’ te slapen.

Het was een enorme sprong qua reis-comfort. Had ik de vorige keer al in de 1e klas kunnen reizen (en slapen), 4 personen – dus 4 bedden, met een lakentje en kussen en met een coupe deur die dicht kon, nu bleek ik voor de allernieuwste trein een kaartje gekocht te hebben.

De beste trein ooit

De mannen met een rode tulband en/of rood jasje zijn dragers, ook nu stond er al 1 klaar toen ik me met mijn postcodeloterij koffertje en rugzakje uit de tuk tuk wurmde,

Deze dragers brengen je met bagage helemaal tot aan je zitplaats. Ik had geen drager nodig, deze man duidelijk wel.

De trein kwam precies op tijd binnen, het bleek de aller modernste trein van India te zijn. Ik had een heerlijke zitplaats (waarbij die van de Thalys naar Parijs verbleekt) en de trein haalde op topsnelheid 120 km per uur. Ik kreeg een flesje water, een krantje en

Een heerlijk ontbijtje

En ondertussen ging het landschap daarbuiten aan me voorbij.

De trein reed dus precies op tijd (meneer Koolmees) het station van Chennai binnen.

En in het hotel aangekomen begon ‘de ellende’ (viel uiteindelijk wel mee), want toen had ik weer wifi. Mijn vlucht van die nacht was geannuleerd ivm het weer. Nederland heeft sneeuw, India heeft smog, of mist, geen idee wat het is, maar het zicht is beperkt. Al dagen trouwens en in het hele land worden vluchten geannuleerd. Als alternatief was er wel een nieuwe vlucht mogelijk, via Bangalore met 10 uur overstaptijd.

Ik had toch al mijn twijfels over de komende dagen, vond dat ik ‘teveel wilde’ en bleef soms liever hier in het zuiden dus besloot ik alles maar te annuleren en hier nog een allerlaatste tempel te gaan bezoeken.

Met de metro naar het busstation
Onderweg

Het was druk in de bus, de volgende foto heb ik gemaakt ivm het mutsje dat je hier wel vaker ziet. En telkens vraag ik me af waarom draagt men een mutsje? is het de kou? (Het is hier rond de 30 graden), is het een mode?

Die mondkapjes begrijp ik wel

Die mutsjes zijn dus echt erg. En allemaal volgens eenzelfde patroon, wie heeft ze dat patroon in vredesnaam aangeleerd?

En nu zit ik dus in Tirupati met een tempel op een berg, een tempel die door de smog of mist nauwelijks te zien is.

Morgen dus de berg op, naar de tempel!