Lazy Sunday in Madurai

Bij de allereerste plannen voor deze reis wilde ik op een veerboot van Sri Lanka naar Rameshwaram varen. Ooit voer er een boot, maar door de burgeroorlog in Sri Lanka (alweer lang geleden) is deze veerboot opgeheven. Op het internet kon ik geen mogelijkheid vinden, er ging nog steeds geen boot, en toen veranderden de plannen helemaal.

Maar ik wilde wel naar Rameshwaram, en ik had deze dag gepland om er met een taxi heen te gaan. Uiteindelijk had ik geen zin om 2×3 uur in een auto te zitten en heb ik het hele plan maar laten varen.

Daarom een heerlijke luie dag in Madurai. Allereerst stond het Gandhi museum op mijn lijstje.

En dit was dicht

Naast dit museum is een museum over Tamil Nadu.

Dit museum is ‘breed’ opgezet

Hierna wilde ik gaan lopen naar ‘een kerk’ (ik had de dichtst bijzijnde opgezocht). En dan loop je toch weer door armoedige, arme straten met in hoeken hopen vuilnis (waar honden en koeien nog wat te eten uit zoeken) en troep, allemaal troep op straat.

En daar is altijd iets te koop

In de kerk werd zojuist een dienst gehouden (Een beeld van Maria had ook een sari aan), en naast de kerk was een school, zondags stil verlaten en ik kon me niet beheersen er een kijkje te nemen.

Zicht op het plein

Dit is een zgn ‘achterstandsschool’, op een bord bij de ingang stond ‘government aided minority school’.

Een lokaal

De school had 44 groepslokalen en 2 computerruimten. Ik zag de kinderen voor me, die ‘s ochtends in hun schooluniformen met een volle rugzak vol goede moed, vol hoop hier naar school gaan. En ik dacht aan de achterstand die ze moeten inhalen. Een bijna onmogelijke opgave. Ik dacht aan de lokalen in Nederland, alle kinderen een iPad, een digi bord voor in de klas. En hoe zouden de privé scholen hier zijn ingericht? Je ziet nog steeds heel veel armoede, allemaal mensen die ‘bij de dag’ overleven. Die komen dus nooit uit hun situatie.

Er is een enorme trek naar de grote stad en geen werk voor iedereen. En toch is er de laatste jaren een midden klasse ontstaan, een groep die nog steeds groeit. Aan de randen van de grote steden verrijzen enorme wijken met flatgebouwen.

Hierna ben ik gaan lunchen en voordat ik over dit top restaurant Sree Sabarees verder ga….. wat laten de emigranten die naar bv het westen gaan allemaal achter. In Utrecht woont een grote groep welgestelde Indiërs, modern gekleed, waarschijnlijk werkend in de it. En toch ook bij hen: wat laten ze allemaal achter? De tentjes met thee en koffie overal, het gemak waarmee je een tuktuk neemt (voor hen sowieso al dat personeel dat hier zo goedkoop is) en dat zalige eten, zo geraffineerd gekruid, en dan die keuze.

En die groep in Utrecht heeft het goed, en toch. Zoals ik me hier met een dikke portemonnee in een veilige ‘wolk’ kan verplaatsen, waarbij ik vaak niets begrijp van wat er nu weer gebeurt, of gezegd wordt, of bedoeld wordt…….. Hoe moet een illegale immigrant uit bv Pakistan (ik denk redelijk vergelijkbaar met India) zich in vredesnaam een plek vinden in Nederland. Wat laat die allemaal achter en wat moet die allemaal zich eigen maken om een plek te hebben? Alweer een bijna onoverbrugbare kloof.

Daar zit ik dus aan te denken op weg naar Sree Sarabees, dit restaurant is eenvoudig en altijd vol. Op de parkeerplaats staat het vol met poenige witte auto’s en brommers. Iedereen is welkom, Er zit ‘van alles’ bij Sree Sarabees.

De start, het ziet er nog overzichtelijk uit

Ik had gisteren 14 bakjes, vandaag waren er 10 hapjes.

De dame van de papads

Zodra iets op dreigt te gaan, wordt het aangevuld. Hierbij heeft iedere bediende zijn of haar eigen hapjestaak.

Bakjes met de ‘soepjes’ en daarachter de grote pan met rijst

Ik kan nu gelukkig met een kleine hoofdbeweging ‘nee’ of ‘ja’ zeggen.

Het is eten en daarna vlug weer weg om plaats te maken voor de volgende, want er staan rijen. (Ik zo in mijn eentje werd bij een klein gezelschap aan tafel gezet)

Men eet hier met de hand, ik kreeg een lepel

Ik had ook nog een starter besteld, iets smet bloemkool, erwtjes en ? En moest dus vaak ‘nee’ bewegen met mijn hoofd. (Want het was weer veel te veel)

Ook dit weer zo heerlijk gekruid

Ondertussen kreeg ik andere buren

‘Special for the kids’

Hierna bracht de tuktuk me weer naar het hotel aan de andere kant van de stad. Hij reed speciaal voor mij langs een reuzenrad en zei ‘exhibition’. Ik antwoordde ‘beautiful’.

Morgen reis ik weer verder, tot ziens Madurai!

Madurai

Ik denk dat dit de laatste tempel is van deze reis, en ‘de foto deur’ blijft hier dicht. Om het maken van foto’s (van het heilige, van een olifant, van elkaar, ze maken hier in principe continue en van alles foto’s) tegen te gaan moet iedereen bij de ingang niet alleen de schoenen maar ook de telefoon inleveren. Ik laat ze daarom in het hotel achter en ga straks frank en vrij de tempel bezoeken. (Ik denk dat ik thuis nog wel foto’s heb van 20 jaar geleden en anders foto’s genoeg).

De berichten van de afgelopen week eens bekijkend zijn het wel erg veel tempels en tempeltorens, en er is nog veel meer in India, dus een mooie gelegenheid om dat te bekijken.

Gisteren ben ik hier in Madurai aangekomen en dat is weer terug in the big city. De bus reed non stop over een prima tolweg, National Highway no.6, dus geen zandweggetjes naar afgelegen dorpjes, of een tea stop.

Omdat ik hier 3 nachten blijf heb ik me op een fijn hotel (alweer met zwembad) getrakteerd. Gisteren ben ik ‘even’ langs het station gegaan om te kijken hoever dit is (20 minuten) en op welk perron ik moet zijn. Aan de stationmaster gevraagd of de trein veel delays heeft, ‘this one? Never!’ Ik blijf benieuwd. Maandag ga ik met de trein naar Chennai.

Dus ‘s middags gewapend met de camera en de telefoon naar de tempel, ik heb er 3x om heen gelopen op zoek naar ‘dat heerlijke restaurant’ (een tip), maar er zijn hoofdzakelijk juwelen- en bloemenwinkeltjes rond de tempel.

Wachtend tot ze naar binnen mogen

Maar ook hier verandert de tijd, vanochtend was er vrouwen-cricket op de tv: India tegen Australië. Gevolgd door een mannen wedstrijd India tegen Afghanistan. Een ander perspectief, wij zien Afghanistan hoofdzakelijk als het land dat sinds de Taliban weer terug is naar de middeleeuwen met vrouwenonderdrukking en armoede, hier spelen ze cricket in supermoderne pakjes. Maar wel alleen de Afghaanse mannen, dat wel.

En dan nog wat typische conversatie, hier in India:

‘Why is the temple closed?’ (vroeg ik enkele dagen geleden om half 5, terwijl hij om 4 uur open zou gaan). ‘Because it is not open.’

En het kan natuurlijk ook nog koud worden……

Wie weet

Schrik!

Even een kort bericht over de techniek, alweer……. Ik moet mijn abonnement op Microsoft nog betalen, dat zit gekoppeld aan de vorige creditcard, de account is gekoppeld aan mijn vorige telefoonnummer. Omdat ik mijn wachtwoord niet bij me heb kan ik de account niet veranderen. Een hopeloze contact oefening die ik alleen probeer……als ik me echt heel goed voel.

De kans bestaat dat sommige diensten zoals e-mail what’s app enz opeens door hen geblokkeerd worden.

Ik had al uit voorzorg alles geprint, dus mocht dit geval zich voordoen, tot maandag de 22ste.

Voorlopig ga ik door met alle internet zaken zolang het kan.

Doei………

En dit is/ was de dag

Ik ben in Tiruchirappalli, maar iedereen zegt Trichy. Het is donderdag 11 januari en ik slaap vannacht in hotel Breeze Residence. En breeze is het. Volgens het schermpje is de temperatuur 24 graden, maar daar geloof ik niets van want het is koud. Ik zit in een hoekje van de kamer waar de minste airco komt en luister ondertussen naar Indiase popmuziek. De airco wordt centraal geregeld en ik heb mijn fleece aan. Het fleece dat ik de hele tijd onder in de rugzak mee sleep en dat is bedoeld voor de terugkomst.

De Indiase pop is ter gelegenheid van de verjaardag van de plaatselijke leider van de congrespartij, hij viert zijn verjaardag aan het zwembad hier in dit hotel.

Als ik zo de aanwezigen bekijk: modern westers gekleed dan schiet me al gauw de overeenkomst met de pvda te binnen. Ik denk dat ook hier de congrespartij het contact met de gewone Indiër verloren heeft en dat ze ook geen duidelijk verhaal (of ze vertellen het niet goed) meer hebben.

Het conservatieve hindoe-nationalisme bloeit op. Over twee weken wordt de nieuwe tempel in Ayodhya door Modi geopend en het belooft de gebeurtenis van de eeuw te worden. ‘Wij hebben de tempel terug’, kopt de krant. Modi was premier van de staat Gujarat toen vandaar een groep hindoes optrok naar Ayodhya om de moskee af te breken. Want de moskee was (honderden jaren geleden) bovenop de resten van een Ramtempel gebouwd. Duizenden doden ten gevolg. En nu dus die nieuwe tempel als ‘symbool van onze natie’. De kranten staan er bol van.

En ik loop verwonderd door tempels waar men een levende olifant aanbidt, het beest is afgericht om met zijn slurf het hoofd van de gelovige ‘te zegenen’. De mensen staan er in aanbidding bij.

Inmiddels begeleidt er een tabla speler een prachtig sentimenteel lied en ik ga aan de beschrijving van deze dag beginnen.

Ik ben vanochtend naar het rock fort geweest, een ochtend weer vol met van die kleine gebeurtenissen die je overkomen als je in India bent.

Het Rock fort

Van een fort is geen sprake meer, de hele berg is door het geloof overgenomen en is tempel geworden. Overal, waar het maar kan zijn kleine kapelletjes gemaakt. Bij mijn aankomst moest ik 100 rupees betalen ‘voor de camera’, maar onderweg naar boven langs allerlei tempeltjes of heilige plaatsen mocht ik geen foto’s maken.

Alleen van het uitzicht, en dat is mooi

Toen ik weer terug beneden was kreeg ik wel een bananenblaadje met wat zoets (iets wat de gelovige op het einde van de rondgang krijgt). Ik zei nog ‘I am not a Hindu’ (om aan te geven dat ik niet in de tempel was geweest en dus geen ‘recht’ op iets zoets had) ‘nevermind’ zei de man, ‘this is for you’.

Even later werd ik op een samenzweerderige manier aangesproken ‘do you want to change euro’s’ – die heb ik dus niet bij me dus dat ging niet door. Vijf passen verder vroeg een man ‘Komst du aus Deutschland’ toen ik dit ontkende, Oostenrijk dan? Zwitserland? Hij woonde in Bremen en wilde in het Duits een praatje. Toen ik zei dat ik in Nederland woon, zei hij verheugd ‘dan sind wir Nachbarn!’

s’Middags ben ik in het zwembad gaan zwemmen. In het pierenbadje is zwemles, zowel de leraar als de jongetjes hebben een soort wetsuit aan, een badmuts en een duikbril op. Er was in het hele zwembad geen meisje te zien.

Hierna ben ik naar de tempel in Srirangam geweest. Een complex met in alle windstreken 4 torens, die ook nu weer moeilijk op de foto te zetten zijn. (en ze zijn zo mooi….)

De buitenste toren, deze is het hoogst en eenvoudig bewerkt

De tweede toren is al mooier

En na nog twee torens ben je bij het begin van de tempel. Hier moest ik de sandalen afgeven. Daar is vaak een apart loket voor. Hier stond een bord: ‘do not give your sandals here, you have to pay for it, come to my place, that’s free’. Onbegrijpelijk, waar is deze plaats dan? Uiteindelijk hoef je ook hier geen geld te betalen.

In de tempel is het allemaal interessant, vaak weer onbegrijpelijk en heb ik me weer door de stroom gelovigen laten leiden.

Weer dranghekken

In de hal van duizend pilaren

De paarden die de tempel ‘symbolisch’ beschermen

Voor Krishna

En als je een hoek omgaat is er altijd weer een onverwachts blik op zo’n mooie toren.

Het is nu inmiddels half 10 en bij het zwembad is het stil geworden. De airco blaast nog steeds veel te koude lucht uit en ik begin verkouden te worden. Morgen is er weer een dag.

Thanjavur

Thanjavur is de plaats van de ‘grote tempel’. Hij heeft weinig religieuze betekenis, is prachtig en enorm groot en staat op de werelderfgoed lijst, en dus is het heel druk.

De toegangspoorten

De tempel zelf is zo groot dat hij niet goed op een foto te zetten is.

Er is natuurlijk wel een ‘heilig binnenste’ met een lingam. Bij het naar binnengaan was het al druk (het was 10 voor 1 en de deur zou om 1 uur dichtgaan), maar binnen enkele minuten werd het vreselijk druk en begon iedereen te schreeuwen en raakten men in extase. Vlak voor de dranghekken om vielen kon ik het pand verlaten en zocht ik de rust op.

Het hele complex is weer door lange galerijen omsloten.

Met daarin

Prachtige frescoes op de muur

Met alweer lange rijen geslachtsdelen (van beide sexen).

En ook weer de dansende Shiva

Alles weer prachtig bewerkt

En dan weer vlug naar buiten

Het was hier druk en iedereen wilde weer op de foto. Ik voelde me bijna een soort Diana, achtervolgt door soms boze mensen als ik eens geen ‘selfie’ wilde.

Nandi blijft er onverstoorbaar onder

Dus maar vlug naar de veilige muren van het rustige hotel. Een hotel met een zwembad dit keer. Al bij het tweede baantje was ik alle irritatie kwijt en bij het derde baantje verdween het laatste beetje vermoeidheid. Ik besloot de rest van de middag in het zwembad te blijven.

Thanjavur heeft ook een museum. Door beide reisgidsen aangeprezen, dus de twijfel sloeg toe. Zou ik wel, zou ik niet gaan. Ik heb niets met ‘langs de kant van het zwembad liggen’ en aan de andere kant was het misschien wel eens goed, een keertje helemaal niets doen. Tenslotte, ik hoef niet alles te zien.

Nou ja, ik ben toch maar gegaan. En wat een prachtige beelden heb ik er gezien.

Het museum is in vreemde omstandigheid onder gebracht, het is namelijk onderdeel van het voormalig Koninklijk paleis. En dit paleis verkeert in ernstig vervallen staat.

Het is er een enorme puinhoop

Departement van archeologie

Maar als je doorzet kom je eerst in de Durban Hall.

Daarna loop je weer verder door de bouwval naar het volgende gebouw.

Ook hij heeft er weinig zin in

En kom je bij de ‘Art Gallery’. (Ook mijn gids gebruikt hier aanhalingstekens)

En wat een prachtige kunst staat hier. Het is 1 van de mooiste collecties bronzen en stenen beelden uit de 10e – 11e eeuw.

De dansende Krishna 1 en al geconcentreerde beweging

En tenslotte (voordat ik echt ga vervelen) Shiva als Heer van de dieren. Sensueel afgebeeld in een strakke lendedoek, met een tulband gemaakt van slangen. Een tijdloos, universeel beeld, je ziet de jongens hier (en ook bij ons) nog zo staan, een beetje gespeeld onverschillig en ook zelfverzekerd, met die benen zo gekruist en 1 hand op de heup.

‘Wie doet me wat’ (11e eeuw)

De beelden staan in een opgeknapte zaal van het paleis. Die beelden in die zaal…….het past niet echt bij elkaar. De man op het podium is een of andere lokale beroemdheid.

Deze man zat in de zaal, hij heeft er een functie, onduidelijk wat. Ik zei tegen hem ‘wat heerlijk om hier te mogen werken’. Hij beaamde dit en trok de tweede stoel bij en nodigde me uit te komen zitten. ‘Gewoon’ stil zitten en kijken.

Zomaar wat beelden uit Kumbakonam

Kumbakonam heeft erg veel tempels die allemaal kris kras in de stad staan.

Gelukkig adviseerde mijn gids welke tempels de moeite waard van het bezoeken zijn en ik koos er 3 + de ‘watertank’ die van groot hindoeïstisch belang is.

Het water men zegt heilig leek me eerder een favoriete plek voor de malariamug

De Kumbareshwara tempel bezocht ik hierna als eerste. De tempels hier zijn vrij primitief, klein en zeer levend.

Een lange gang met marktwinkeltjes leidt naar de tempel

In de gang was ook een beeldenmaker aan het werk, de beelden worden hier al eeuwenlang op dezelfde manier gemaakt.

De gang gaat over in tempel terrein

Ik kon in deze tempel ook weer gewoon rondlopen en maakte een dienst mee. ‘Dienst’ houdt hier in dat de goden getoond worden en dat er aan hen geofferd wordt. Te beginnen altijd aan de koe Nandi.

Hier is men in de weer bij de koe

In de volgende tempel werden enorme hoeveelheden melk over de koe gegoten, daarna werd het beeld met bloemen versierd.

Na dit offeren gaan de, ja, hoe noem je deze mensen, nou ja men gaat een stuk verder richting het heilige alwaar men door een priester met vuur gezegend wordt.

Het vuur komt uit het allerheiligste (wederom een lingam omringd door vuur)

Ook deze tempel is weer door 3 in het vierkant gebouwde muren omsloten. Tussen de muren zijn binnenplaatsen, soms overdekt, soms open.

De tweede tempel Nagashwara Swami Siva is de oudste tempel van Kumbakonam.

De tempel is gesticht in het jaar 886 (de toegangspoorten 907-940j
Ook nu weer een rij voor Nandi

Ook hier werd een dienst gehouden. Tijdens deze dienst werd er muziek gemaakt (een groot blaasinstrument en een tabla) En omdat mijn boek deze tempel roemde omdat hij de oudste tempel van Kumbakonam is en omdat hier prachtige beelden staan ging ik daar naar op zoek en kon zo ook een opname van de muziek maken.

De God Brahma

En tenslotte, Shiva met zijn vrouw Parvati samen in 1 beeld. ‘The sculpture draped tastefully to cover his/her single breast’. (Zei mijn boek)

Het beeld wordt – tegenwoordig – bedekt, van het sculpture is niets meer te zien.

Kumbakonam

Dit is de volgende tempelstad, en omdat het nu 2 uur is en de tempels weer om half vier open gaan en omdat alweer een bericht over tempels toch wel klein beetje eentonig wordt, hierbij een verslag van het praktische gebeuren hier zo in India.

Ik sliep vannacht in Chidambaram in hotel Haresharam, enorm aanbevolen door de gids, maar het hotel had duidelijk beter tijden gekend. Na het tempelgebeuren wilde ik er nog iets eten, maar het restaurant gedeelte was al opgeruimd, dus vlug naar iets anders.

Vanochtend bleek dat er een nieuwer restaurant van het hotel is, ‘left and then right’ sprak de man van de balie. De tocht ging langs de heren toiletten (die nog niet vernieuwd waren) altijd verfrissend op de vroege ochtend.

Maar bij het ontbijt was er cornflakes en jam. (Naast de gebruikelijke Indiase hapjes en soepjes). Ook lagen er sneeën brood naast de cornflakes en stond er een broodrooster aan de andere kant van de zaal naast het Indiaas gebeuren. En er was zoals altijd fruit! Wat zal ik die papaya gaan missen.

Na het ontbijt kon ik direct oversteken naar het busstation aan de overkant. Het vinden van de juiste bus vergt altijd enige zorg omdat alle woorden hier in het tamil geschreven worden. Maar er is altijd iemand die wil helpen, een vriendelijke man bracht me naar de plek waar de bus zou komen. Hier stond een groepje buschauffeurs en -conducteurs met wat dames te praten. Dolle pret zo met elkaar. De dames bleken travestieten te zijn, een groep die al eeuwen hier in de cultuur een plek heeft. Ik had al eerder travestieten gezien, en ook deze wilden niet op de foto. (Ze willen zich geen ltb-enz noemen)

Enkele reisden mee in de bus: ze gingen langs alle passagiers, klapten elke keer drie maal hard in de handen en zegenden daarna de passagier, man, vrouw, kind, moslim iedereen kreeg een beurt. Tegen een kleine vergoeding, natuurlijk, dat wel.

Dat brengt me op het geld. Het grootste biljet is 500 rsp. Dat is voor het gemak €5.- dus als je €100 pint dan krijg je 20 biljetten van 500 rsp, en soms van de laatste biljetten wat klein geld: 200, 100 enz.

Onder de papieren rupees zitten munten. In het toeristencircuit wordt het bedrag vaak afgerond naar papier. In winkels en op de markt is het muntgeld heel gewoon. Een banaan bv kost 2 rupees. (Ja, dat is 2 cent).

Ik heb soms het gevoel dat ik gemakkelijk met die biljetten van 500 rsp omga, maar dat dit voor de gewone man of vrouw, laat staan de armen een heel bedrag is.

En het kan verwarrend zijn. De tuktuks! Dit zijn degenen waarbij je moet afdingen en ze hebben altijd een voorsprong, ze weten de weg, ze weten de afstand en ze weten dat je veel geld hebt. Dus altijd gedoe, voor je het weet om 100 rsp (want in je achterhoofd is er altijd dat stemmetje, ‘toeristenprijs, ik word weer bela….’) zo was een ritje van het hotel naar de tempel gisteren met moeite 50 rsp (5 minuten hooguit) en was vandaag een ritje van het busstation naar dit hotel ook 50 rsp (10 minuten). En ik had ook even geen zin om af te dingen. ik weet nog steeds niet wat de juiste prijs is.

500 rsp is dus een enorm bedrag. Ik heb zojuist hier in het hotel (dat vrij chiq is) voor 295 rsp gegeten (in de ‘stad’ kost dezelfde maaltijd 150j en dan denk ik 295 ‘wat duur’. En dan realiseer ik me weer dat dit €2,95 is.

Na het eten kreeg ik een opgevouwen blaadje van een mij onbekende boom, verpakt in een plastic zakje. Na veel gepeuter zat er iets heerlijk zoets in het blaadje. De bediende kwam langs en zei ‘you can eat the leaf too’. Dat zal ik volgende keer doen.

In de bus zaten weer veel moeders met beeldschone kinderen. Door de drukte lukte het niet daar een foto van te maken. (De moeders maakten wel weer selfie met mij). Daarom een foto uit het restaurant van vanmiddag.

En nu is het weer tijd om de stad in te gaan.

Chidambaram

De dansende Shiva (nationaal museum Chennai)

Ik ben in Chidambaram, de plaats waar Shiva een danswedstrijd van Kali won en zo Nataraja, de Heer van de kosmische dans werd.

‘U kent natuurlijk de voorstelling van de dansende Shiva? Hij, met twee benen en de vier armen, dansend, springend binnen een cirkel van kosmisch vuur, met 1 been opgeheven en de andere geplant op het lichaam van onwetendheid en kwaad, om die ook op hun plaats te houden. De dansende Shiva, de dans van schepping, behoud en vernietiging. Een complete kringloop, een volkomenheid. Het is een moeilijk begrip, men moet er met het hart op reageren, niet met het hoofd.’ (Zuster Ludmila, in dl 1 van de Jewel in the crown)

Ik ben vanochtend in de stromende regen uit Pondicherry vertrokken, de voorspelling is 100% regen voor vandaag maar zojuist ben ik al even naar de Nataraja tempel geweest (voor hij tot 4 uur dicht ging) en was het droog. In Pondicherry ‘dreven’ de brommertjes in het water en zag ik mensen tot aan de heupen door het water gaan. De tuktuk man zette me gelukkig precies voor de deur (die altijd open staat) van de bus af. En gaandeweg de bus verder reed werd de regen minder.

Ik ben hier eigenlijk maar een halve dag, alleen voor de tempel.

Vier enorme toegangspoorten geven toegang tot de tempel.

Detail van een toegangspoort

108 dansende figuurtjes in de toegangspoort

Je zou een studie kunnen maken over de betekenis van het getal 108, ik heb het in Tibet gezien (een vrouw met 108 strengen haar) en ook in het boeddhisme is het een heilig getal.

We werden er 10 voor 1 uitgestuurd, dus tijd om wat te gaan eten.

Dit is een ‘Chidambaram meals’. Heel attent krijg ik er een lepel bij. Iedereen eet hier met de hand.

Het rode bakje rechts zijn bietjes, het enige dat ik kon thuisbrengen

Om 4 uur ging alles weer open en heb ik uitgebreid de tempel bezocht. Het allerheiligste gedeelte bereik je na 3 ingangen. ik had hierbij echt het gevoel steeds dieper tot de kern te komen.

De tweede ingang

De derde ingang leidt naar een gebouw met een gouden dak, waarin een lingam gemaakt van ether (waaruit lucht, vuur, water en de aarde zijn geboren) wordt bewaard, deze lingam is onzichtbaar. (Het wezen van het bestaan is ook onzichtbaar).

Er staan ook nog een kristallen lingam en een robijnen beeldje van Shiva, deze worden tijdens de dienst in vlammen gebaad, onder het geluid van gezangen.

Ik kon overal bij zijn, het was verschrikkelijk druk, en als de laatste deuren eindelijk open gaan raakt de menigte die ervoor staat te wachten in extase. De priesters gaan met het vuur rond en de mensen worden door een soort bewakers (die ook scherp opletten dat er geen foto’s worden gemaakt) gemaand door te lopen. Daarna krijgen ze een klein hapje te eten. Ik kreeg ook een blaadje met eten. Je kon ook nog tegen een kleine vergoeding vlak langs het heilige lopen, ik weet niet of ik dit zou mogen, ik heb het niet geprobeerd. De mannen moesten met ontbloot bovenlijf, de vrouwen mochten hun kleren aanhouden.

Hierna dwaalde ik wat door de diverse gangen.

In de gangen zijn nissen met kapelletjes met beelden van de diverse goden of verschijningsvormen van Shiva, hier zit een priester waar de gelovige ‘puja’ bij kan doen (een soort gebed). Ik kreeg vaak uitleg en toelichting van hen.

Kapelletje voor Parvati

En rond zes uur, als het geheel weer wordt afgesloten, wie stapte daar uit de tempel? Ik heb echt overal gekeken en heb geen olifant gezien.

Maar hij was er wel en mag nu weer naar ‘huis’

Pondicherry

Alweer ruim een week in India en nu al een dagje rust. De drukte van India: het getoeter, het je aanspreken, al die indrukken, het opletten bij het lopen op straat, waar komt het verkeer vandaan? Trap je niet ergens in? Wat wordt er nu weer geroepen, de geuren, de kleuren, de reclames, de muziek. En het gaat maar door, de hele tijd, zodra je een voet buiten de deur hebt gezet. De bedelaars hebben je, zonder dat je het merkt, direct in de gaten, de verkopers staan met hun waar klaar. Het is het lawaai van India. Je wordt er in opgezogen, zelfs mijn biotex ruikt naar massala.

Dus heb ik een dagje rust hier in Pondicherry gepland. Pondicherry was ooit een Franse kolonie er er ‘hangt nog de typisch Franse sfeer’ aldus de gids.

Wandelen langs de boulevard

Langzaam verandert Pondicherry zich in een soort Indiaas ‘Zandvoort’. Het is nu weekend en het oude Franse gedeelte (‘white town’) wordt bevolkt door kinderen van erg rijke Indiërs, de jongens rijden stoer op motors rond, de meisjes laten zich in prachtige westerse uitgaanskleding fotograferen. (Ik trek mijn Indiase dracht hier dus maar niet aan, ik zou bijna een bezienswaardigheid zijn)

En ze willen nog steeds met me op de foto

Er zijn ‘Franse’ restaurants, ik heb er gisteren een ceasarsalade gegeten, het enige wat ik als ceaser kon traceren was de sla, bedekt onder een onduidelijke gesmolten ja wat? laag. En er zijn tentjes met croissantjes (erg lekker, maar 1 is alweer genoeg) en cappuccino.

Waar Siem Riep helemaal op de westerse toerist is ingericht, is Pondicherry dat op de Indiase toerist. En allebei hebben ze die cappuccino (dat wel) en MacDonalds (hier met massala chicken).

Cambodja is te arm, dat heeft (nog) geen eigen toeristen.

Vandaag, zondag 7 januari ging ik eerst naar de botanische tuin. Deze is aardig in verval.

Er is wel een speeltuin en een miniatuurtreintje (met perron) dat door de tuin zou moeten rijden. (Ik heb het niet gezien)

Van de kassen is weinig meer over

De toegang voor foreigners is 50 rsp (50 cent). Ook hier mocht de grote camera niet mee, tenzij ik 1000 rsp betaalde.

Hierna ging ik weer op weg naar de boulevard.

Langs de straat zie je hier herhaaldelijk deze kastjes ‘wall of kindness’. Waar bij ons deze met boeken zijn gevuld, ligt er in deze kastjes kleding.

Een schoenenwinkel

Tijdens mijn wandeling stuitte ik op een yoga wedstrijd. Zeer zeker! voor gevorderden!

De jury kijkt kritisch toe

Ik was voornamelijk bang dat de deelnemers niet meer uit de knoop konden komen, of dat ze zouden omvallen (staande op 1 been, of 1 arm)

Lenig, zo lenig

En de jury voorzitter vroeg de kandidaten ‘een beetje op te schieten, want er waren nog meer kandidaten’. Hoe haalt ‘ie het in zijn hoofd.

Zodra je het oude Pondicherry (the white town) uit bent, ben je weer in het andere India.

Het united coffee house

Ik heb hier gelukkig een zalig guesthouse: Les Hibiscus.

Dus ben er voor morgen weer helemaal klaar voor

Au revoir Pondicherry

Tiruvannamalai

Hier vestigde Shiva zijn macht over Brahma en Vishnu door zich als een lingam van vuur te tonen. En daarmee is de Arunchaleshvara – tempel de tempel van het vuur, het tweede element en is de stad heilig.

Zicht op de Arunachala berg

Het mooiste uitzicht op de enorme tempel, die vanaf de grond niet te overzien en niet in zijn geheel te fotograferen is, is vanaf 1 van de heuvels achter de Sri Ramanasram ashram. Dus toog ik daar vanochtend eerst naar toe.

Langs de weg zitten bijna naast elkaar ‘heilige mannen’.

Samen aan het ontbijt

Dus liep ik eerst naar de ashram. Die bleek groot, mooi en wereldberoemd. En ik zag opeens heel veel leeftijdsgenoten uit het westen die hier een tijdje wonen. (Ik had er nog nooit van gehoord, maar het is het centrum van de Advaita Vedanta) Bij mijn binnenkomst was het juist etenstijd. Enorme lamellen met eten stonden klaar om de ook enorm lange rij saddhu’s eten te geven.

Er bleek inderdaad een pad achter de ashram naar boven te zijn. Dus liep ik in stilte (je mag er niet praten) en op blote voeten 2 km over enorme keien omhoog, de aapjes en hun uitwerpselen vermijdend. Het pad ging naar een grot waar Sri Ramana Maharishi jarenlang gemediteerd heeft. Ik moet eerlijk bekennen dat ik na het bereiken van het uitzichtpunt weer naar beneden ben gegaan.

Uitzicht op de Arunchaleshvaratempel

Hierna heb ik uitgebreid de tempel bezocht. Allereerst ben ik een stuk mee naar binnen gegaan met de pelgrims. Bij het allerheiligste mag ik niet komen (alweer een lingam, die tijdens een dienst gebaad en aangekleed wordt), maar zo op weg met de pelgrims kwam ik een heel eind.

Ik blijf natuurlijk proberen die enorme torens mooi op de foto te krijgen. Overigens alle foto’s binnen het complex zijn met de nieuwe telefoon gemaakt. Fotograferen is ook hier verboden, maar zo blijkt het, dit geldt alleen voor fototoestellen. (Ik denk dat ze de telefoons hier niet verbannen hebben gekregen, iedereen loopt ermee, om vooral zichzelf op de foto te zetten).

En natuurlijk veel nandi’tjes (de heilige koe)

Er was ook weer een prachtige hal met ‘duizend pilaren’.

Waar ik zomaar in mijn eentje een tijd lang doorheen kon dwalen.

Hierna ben ik gaan eten en werd voor de tweede keer in 1 ogenblik compleet drijfnat. De eerste keer was op weg naar de niet-bereikte grot. Nu was het het eten. De tali (een bord met verschillende bakjes met gerechtjes die je eet met rijst) was enorm scherp. (‘Sharp but nice he’ zei de dame van de bediening). en dat klopt, het was heerlijk.

En nu zit ik op ‘mijn balkon’ met zicht op de berg. Het is kwart voor zes, en straks in een oogwenk zo lijkt het zal het donker zijn. Schemeren daar doen ze hier niet aan.

Oog in oog met de goden

Dat hindoeïsme met al zijn prachtige verhalen, met zijn strijdende goden, want het gaat, ook bij hen, altijd om macht. Dan heeft de ene, dan weer de andere God de macht. Hier in het zuiden is het Shiva, de vernietiger van de schepping (zodat het daarna opnieuw geschapen kan worden, dat wel). Shiva woont in de tempel, waar hij wordt aanbeden. Ik begrijp er nog steeds niet veel van. Wat aanbidden ze daar? Zijn kracht? Of is het het accepteren dat er in de kringloop altijd weer een moment van vernietiging is, waarna de kracht van de schepping (Vishnu) zijn werk weer kan doen. Of is het de God gunstig stemmen zodat hij niet zal vernietigen. Ik merk dat ik snel westerse concepten gebruik.

Oog in oog met de goden, het beeld kijkt terug, wat, wie ziet het? Wat doet dat met mij?