Ajanta en Ellora

Ajanta en Ellora zijn twee enorme grotten-complexen. Met prachtige, verklarende teksten van Paul v.d. Velde heb ik de grotten bezocht. Ik bezocht ze al eerder, op mijn eerste solo reis naar India, zo’n 25 (?) jaar geleden. En ik kon me van dat bezoek niets meer herinneren. Helemaal niets.

De Ajantagrotten zijn gebouwd tussen 230 voor en 650 na Christus. De bloeiperiode van het Boeddhisme in India. 30 kunstmatige grotten, in de rotswand uitgehakt liggen in een hoefijzervormig dal. De grotten worden beschreven als caitya’s: in de grot is een stoepa, die de Boeddha herdenkt en Vihara’s: verblijfplaatsen van de monniken. Op de muren prachtige ‘fresco’s’, alhoewel de techniek anders is.

De beroemdste afbeelding is die van Avalokiteshvara (de Bodhisattva van het mededogen). Het is een prachtige afbeelding.

Ik waande me soms in ‘Indiana Jones and the temple of doom’…….. (en waar was Harrison Ford?)

Afbeeldingen met scenes uit het leven van de Boeddha en het plafond met bloemen versierd.

Ellora

De grotten van Ellora, 100 km verderop zijn uit de 6e – 13e eeuw. Je kunt zeggen dat Ellora verder gaat waar Ajanta is gestopt. Het is de Renaissance van het Hindoeisme en de neergang van het Boeddhisme. Ook zijn er Jain-grotten. In totaal liggen er 34 grotten In een lengte van 2 km.

En ik had een kamer met uitzicht op de ‘caves’. Dus ’s avonds lekker buiten gezeten en de zon zien ondergaan en de volgende ochtend al vroeg op pad.

De oudste grotten zijn Boeddhistisch, dus daar begin ik maar mee.

Volgens Paul v.d. Velde is dit een mandala. (Ik dacht altijd dat deze rond waren).

Dit beeldige kleine figuurtje aan de voet van de troon van de Boeddha is Bhudevi. Het is de godin aarde. Zij draagt een kruik water waarmee ze het leger van Mara (het kwaad) zal wegspoelen.

De meeste Hindoegrotten zijn aan Shiva gewijd.

En nog even Kumbh Mela… hier is Shiva afgebeeld met ascetenhaar en de drietand.

Het klapstuk van de Hindoegrotten en Ellora is de Kailastempel.

Deze tempel is (7e – 9e eeuw) in 150 jaar door 7000 arbeiders uit de rotsen gehakt. Het is dus 1 groot beeldhouwwerk, waar je in rondloopt. De tempel is 50 bij 35 meter. Alles klopt, symetrie, verhoudingen, balans in de beelden, de lichaamsverhoudingen enz. De tempel is wederom aan Shiva als heer van de berg Kailas, (zijn verblijfplaats in de Himalaya) gewijd. De berg Kailas bestaat echt in Tibet en is heilig voor Hindoes en Boeddhisten. (En duur te bereizen, want de Chinezen slaan hier een grote salade uit).

De gehele tempel is bedekt met afbeeldingen van Shiva, scenes uit de Mahabharata en Ramayana en scenes uit de mythen rond Shiva.

Binnen in de tempel en rechts is de toegang tot het heilige (de fallus) deze wordt geflankeerd door de twee riviergodinnen Ganga en Yamuna.

De Jaintempels helaas niet kunnen bezoeken, deze waren tijdelijk voor het publiekgesloten.

In 6 uur ging ik van Jalgaon deze ochtend met de trein naar Surat. Ik had een snelle trein (kwam zowaar een kwartier!! te vroeg aan) en ik zat 1e klas. Heerlijk rustig, vanochtend om 9 uur bij vertrek sliepen mijn 3 medepassagiers nog dus ik kon ongestoord de planning weer ‘ns bekijken, heb een flink stuk in mijn boek gelezen en verder was er niets te doen dan kopjes thee te drinken en naar buiten te kijken.

Nog even de politiek

www.nrc.nl/nieuws/2019/02/08/de-goden-moeten-de-politiek-een-handje-helpen-a3653478

uit de krant van zaterdag ….

Veel toiletten op de Kumbh, rose voor de ladies and blauw voor de gents. En allemaal schoon!

Politiek of niet, ik hoop dat het toilettenbeleid van Modi in heel India zal werken. ‘Vroeger’ als de trein langs de slumbs een grote stad binnenreed zaten de mensen op een rijtje langs de spoorlijn hun behoefte te doen. Zo mensonterend.

Maar we wachten af…….Mumbai, Kolkatta?

Op straat in Delhi

Reclame op de Kumb

En tenslotte, had ik iets gemist, had Paul de Leeuw hier ook een tent?

Weer verder op reis

Ja, weer verder op reis in het ‘gewone India’ voorzover er hier iets gewoon is. Gisteravond om 19.00 uur vertrok de trein uit Allahad en ik ben hier, in Jalgaon vanmiddag om 3 uur aangekomen. Met enige vertraging, maar ik ben te suf om uit te rekenen hoeveel uur. Ik loop inmiddels 3 dagen krant en 4 dagen ‘Met het oog op morgen’ achter, Nederland is erg ver weg.

Gisteren was het op het station van Allahabad zacht gezegd een chaos. De perrons waren geheel bedekt met reizigers. Ik vond gelukkig een stoel bij een groepje vrijwilligers die ervoor moeten zorgen dat alles op de perrons goed gaat……maar dit tot op zekere hoogte. Als er nml een trein aankomt wordt deze terwijl hij nog rijdt bestormd (ik kan het niet anders zeggen) door de wachtenden, vooral jongens en mannen. Zij beklimmen de trein, hangen aan de deur en de raampjes en vechten zich naar binnen. De vrijwilligers zien dit gelaten aan. Na een minuut of 10, als de trein stopt, stabiliseert e.e.a. zich en gaan de andere mensen de trein in. Omdat mijn trein vertraging had kon ik dit alles goed bekijken en een soort nood scenario bedenken: ‘hoe kom ik in de trein’? Bij nader inzien bleek dat de bestorming alleen plaats vindt bij de goedkoopste klassen en de bagagewagon. Nu restte nog het laatste probleem, hoe kom ik bij ‘mijn wagon’? Want deze ‘witte vrouw in het zwarte land’ en volgens vroeger regels al aow-gerechtigde, had een bed in de 2A-tier. Hierin wordt de zitbank een heerlijk bed met een kussentje, lakens en een deken en gordijnen ter afscherming van de nieuwgierige voorbijgangers. Als de trein het station binnenrijdt verschijnt het nummer van de wagons op borden, en natuurlijk moest ik het halve perron weer teruglopen door, langs, over al die wachtenden. Een politieagent schoot me te hulp. Hij baande de weg, ook over, langs, door al die wachtenden. Hij ging helemaal met me mee naar binnen, waar mijn plaats (natuurlijk) al bezet was. Ik vond dat ik dit zelf moest oplossen. En na enig gepraat kreeg ik mijn plaats en nam ik afscheid van de politieagent.

De trein reed over de spoorbrug over de Ganges.

Ik had deze reis weer prettig gezelschap en heb geslapen als een blok.

In Allahabad is een zalige boekwinkel. Hier kon ik het boek ‘The Moors last sigh’ van Salman Rushdie kopen. Ik dacht dat deze schrijver in ‘de ban’ was en dat hij hier niet verkocht mocht worden. Toen ik dit met de winkeleigenaar besprak keek hij me aan met een blik van verstandhouding en zei hij: ‘It is a very good book’. Nou met dit criterium daar ben ik het helemaal mee eens, ‘goede boeken (ver)kopen’ en deze dan heerlijk lezen. Bijvoorbeeld in de trein.

Een laatste blik op de Kumbh Mela.

This is the night

De Mela duurt van 14 januari tot 4 maart. In deze periode zijn sommige data het meest geschikt om te baden. Dan staan de planeten in hun beste positie. Zoals 4 februari, dan is het Mauni Amavasya, het belangrijkste ‘koninklijke bad’. Toen ik dit thuis zat voor te bereiden en besloot om op 4 februari hierbij aanwezig te zijn, kon ik natuurlijk niet helemaal overzien waar ik aan begon.

Want:

🌙 wat is de juiste tijd?

🌙 waar, wat is de juiste plaats?

🌙 hoe kom je daar?

🌙 en tenslotte, ik bleek niet de enige te zijn die daar naar toe wilde, om te baden of te kijken. Het was enorm druk. Ook dit wist ik natuurlijk wel, maar toch, het was ontzettend druk.

We besloten om 2 uur ’s nachts te vertrekken, met verschillende informatie over de plaats en de tijd. Maar met 2 uur ‘speel je op safe’, dan maar even wachten als we te vroeg te zijn. In verband met de drukte veiligheidscode geel (De hoogste stand). Dus ik heb alleen met de telefoon wat foto’s kunnen maken.

Een enorme stoet mensen was deze nacht op weg. En rond 4 uur kwamen we bij de ‘weg’ waarlangs de processie, die voor het baden uitging, zou gaan. Daar moest ik kiezen, doorgaan – het was nog minstens een half uur lopen naar de oever van de rivier terwijl het al zo druk was, of op deze plaats blijven en wel de processie, maar niet het baden zien. Ik besloot te blijven staan.

Uiteindelijk trok er een indrukwekkende stoet met de verschillende sekten op weg naar de Sangam voorbij.

De stoet werd aangevoerd door de de Naga’s, zij gaan als eerste het water in.

Onder begeleiding van trom geroffel trok de stoet voorbij, aangevoerd door Naga’s op een paard.

Daarna kwamen de saddhu’s in een lange rij. zij straalden op een prachtige manier vreugde uit.

De ‘Mahants’ – zitten op een praalwagen.

En tenslotte ‘het gewone volk’, allemaal het water in.

Kumbh Mela

De Kumbh Mela is naar men zegt de grootste spirituele bijeenkomst ter wereld. Op de oevers van de rivieren de Ganges en Yamuna is tijdelijk een enorme stad gebouwd, met een omtrek van 65 km. Deze stad wordt hoofdzakelijk bewoond door pelgrims, saddhu’s, guru’s en yogi’s. Er zijn brede straten waar auto’s door kunnen rijden, pleinen en smalle zijstraatjes. Allen wonen deze periode in tenten, van heel simpele, met wat stokken en doeken gemaakt, tot prachtige tenten.

Er zijn grote ‘hallen’ waar belangrijke guru’s spreken, politiebureaus, eerste hulpposten, eetkraampjes, kraampjes met religieuze of toeristische prularia enz.

Muziek, religieuze toespraken en gezang alles schalt over het terrein.

Het belangrijkste doel voor is iedereen het baden. De belangrijkste plek hiervoor is de Sangam, het punt waar de Ganges en de Yamuna elkaar ontmoeten en als 1 rivier verder gaan. Volgens de legende stroomt onder deze plek een mythische rivier, de Sarawasti.

Om het gebied te bereiken zijn er lange poton paden aangelegd. En hierover gaat continue een stroom mensen. Het zicht vanaf deze brug hierop is erg indrukwekkend.

De Saddhu’s en yogi’s blijven hier de hele periode. Ze ontmoeten elkaar, ze vormen een soort regering en tijdens de Mela vindt de initiatie van de nieuwe saddhu’s plaats.

Allen zitten voor hun tent (of in hun hal), de pelgrims lopen langs en bezoeken de voor hen belangrijke saddhu of yogi. Er worden gesprekken gevoerd en de pelgrims worden gezegend. Soms zijn er grote en lange bijeenkomsten.

Ook wordt er vaak eten uitgedeeld.

Zo op het eerste gezicht was het voor mij een mooie foto. Nadat ik hem genomen had vroeg de man links of ‘guru-ji’ toch echt wel mooi op de foto stond. Twee pelgrims met hun guru, een belangrijk moment voor hen.

Ik ben erg onder de indruk van de Naga’s. Vaak naakte asceten, het lichaam bedekt met as.

De eerste dag heb ik hier lang rondgelopen. Er hangt een enorm mooie krachtige, vitale sfeer. Onderweg werd ik door een Indiase man aangesproken (die niet vroeg of ik met hem op de foto wilde, of waar ik vandaan kwam, maar die zoals hij zelf zei ‘net als ik wilde rondlopen en alles bekijken’) en we hebben een groot gedeelte van de dag samen rondgebracht.

Hier staat hij bij een voor hem belangrijke man, Swami Nishchalananda.

Dit was dus allemaal alweer eergisteren. Je doet zoveel indrukken op, ‘ik kon ’s avonds geen zin meer maken.’

Een afspraak bij de Jama Mashid moskee 31 januari

Vanochtend heb ik een wandeling door de oude stad gemaakt onder begeleiding van Roshan, een ex dakloze. Hij is op 8 jarige leeftijd van huis (in Bihar) weggelopen en is via allerlei omwegen op het station in Delhi aangekomen. Daar heeft hij 4 jaar gewoond, raakte verslaafd aan lijmsnuiven en scharrelde zijn bestaan elke dag weer bijeen met zware hand- en spandiensten.

Hij is ‘gevonden’ door de Salaam balak trust, een ngo die werd opgericht naar aanleiding van de film Salaam Bombay die over straatkinderen gaat. (Wat was dat toch een mooie, indrukwekkende film)

We hebben 2 uur door de steegjes gelopen, waar mijn vader (van oorsprong elektricien) waarschijnlijk nadat hij eerst even wanhopig werd, direct aan het werk zou gaan.

we maakten een teastop onderweg met het plaatselijk ontbijt. De oranje-bruine massa leek me een soort chutney (het leek erg veel op een chutney zoals ik hem maak), smaakte ook zo, maar is een soort griesmeelpap. En er werd weer chaat geserveerd. Het smaakte allemaal heerlijk. (rechts staat de gid Roshan)

Onderweg bezochten we verschillende bedrijfjes, waar vaak kinderen werkten. Veel werk wordt nog met de handen gedaan.

Ondertussen vertelde Roshan me zijn geschiedenis en zijn toekomstplannen. Hij wil naar Amerika. Ik vond het prachtig. Ik hoop echt dat zijn dromen of een gedeelte daarvan zullen uitkomen, en vooral dat hij zijn positieve houding in de toekomst houdt.

De wandeling eindigde bij 1 van de opvanghuizen, waar ik jammer genoeg geen kinderen kon zien, want die waren -logisch- naar school.

’s Avonds gaat er regelmatig een busje van het huis langs de plekken waar de kinderen zich ophouden. Dit is vooral bij het station. De kinderen worden overgehaald mee te gaan. Sommige kinderen zijn verslaafd, sommige zitten in de prostitutie. Op dit moment wonen er 105 kinderen in het huis. Ze krijgen er onderdak, voedsel, worden op een school ingeschreven en gaan in een afkick behandeling indien nodig. Het jongste kind was 4 (slik) jaar. Wat moet dit kind in zijn korte leventje al niet hebben meegemaakt.

Van buiten zag het gebouw er mooi uit, van binnen was het erg verwaarloost. De kinderen sliepen op slaapzalen, er was een grote keuken met canteen en een gemeenschapsruimte.

Daarna ben ik ’s middags met de metro naar het Nationaal Museum gegaan. Voor de metro heb je een plastic ‘muntje’ nodig waarop het bedrag staat dat je voor een bepaalde afstand nodig hebt. Voordat je het metrostation binnen gaat is er een veiligheidscontrole (met een poortje, de bagage wordt gescand, enz) en voordat je het perron op gaat is er nog zo’n ronde. Op het perron bleek er een speciale wagon ‘for women only’ te zijn. Vlak voordat de deuren dicht gingen wilde een echtpaar nog even snel in stappen. De man kwam klem te zitten tussen de deuren. Ondertussen was hij al gesignaleerd door een bewaker, die schel op een fluitje blies. Arme man, hij kwam niet echt gevaarlijk over, maar werd met harde hand uit de wagon verwijderd. Ik moest even denken aan het moment dat ik onwetend in de ‘mannenwagon’ in de metro in Teheran stapte. De man naast wie ik ging zitten stapte op en ging een bank verderop zitten. That was it.

In deze dameswagon zaten bijna allemaal jonge vrouwen in spijkerbroek. Ik heb 3 zgn kurta’s (een soort jurk met splitten aan de zijkanten) geteld. De metro is duidelijk een luxevervoermiddel, maar voor mij goedkoop omdat er geen ‘toeristenprijs’ voor berekend wordt. En je hebt dat gedoe over de prijs niet.

Maar wat is het lichamelijk werk hier toch goedkoop en zwaar en wat moeten die riksja en tuktuk mannen toch elke dag weer sappelen om die dag door te komen.

In het museum heb ik de halve middag in het museum’cafe’ (een soort barak) zitten praten met een nederlandse man die hier onderzoek doet (sociale geschiedenis) en een indiase jongen die duits spreekt en de president een ‘vibrant man’ vond. We zaten herhaaldelijk op verschillende golflengtes, maar wilden echt met elkaar in gesprek en dat is mooi. En die Nederlandse man woonde hier al enkele jaren, dus wist veel.

Maar wat betreft de moslims: ‘die waren India 700 jaar geleden binnengevallen en waren dus geen echte Indiers, het land zelf was de afgelopen 700 jaar door verschillende volken bezet, dus nu moest India zichzelf weer worden’.

Nou, dat geeft voldoende gespreksstof. Net als in het museum, dat ik daarna bezocht, was ik weer heel blij met alles wat ik wist, en realiseerde ik me ook weer hoe weinig ik weet.

Genoeg stof tot nadenken dus weer.

Het museum zelf heeft een prachtige collectie. Het was in verbouwing, de afdeling oudste geschiedenis (3000 jaar geleden) was vernieuwd.

Allahabad 1 februari

Vannacht ben ik met de trein naar Allahabad gegaan. De trein vertrok op tijd! (En kwam met 2 uur vertraging hier aan). Ik was natuurlijk te vroeg op het station, dus het was toch nog lang wachten. s’Nachts slapen er veel mensen op en rond het station. Sommige omdat ze er ‘wonen’, anderen wachten hier op hun trein. Er lopen straathonden tussendoor. En daar sta je dan met je koffertje.

Eenmaal in de trein ben ik direct in slaap gevallen. Vanochtend werd ik al vroeg gewekt door de chai-walla’s, jonge mannen die met grote tonnen thee rond gaan, Chai! Chai! roepend. Voor ongeveer 12 cent heb je een klein bekertje hete sterke kruiden-melkthee. Ik had een leuk gezelschap. Een politieagent uit Allahabad (gaf me meteen zijn telefoonnummer om te bellen als ik problemen had), een jongeman die medicijnen studeert op weg naar Patna en een Italiaanse jonge vrouw die ook enkele maanden hier rondreist. Ondertussen kwam er iemand met brood en massala omelet langs. Dus heerlijk ontbeten, weer veel gespreksstof en ondertussen keek ik vaak naar buiten, daar kleurde het prachtige Indiase landschap onder de opkomende zon.

En nu ben ik dus weer -even- aangekomen, rust!

En dan de politiek……

Tja, dan zegt wordpress: ‘deel hier je verhaal’.

Een paar maanden geleden draaide de film ‘Reason’ van Anand Patwardhan op het Idfa. Een film over het opkomend Hindoe nationalisme. Zo worden er ‘spontaan’ groepen gevormd in de dorpen en steden die vermeende ‘koeienslachters’ mishandelen, journalisten worden gedood (en de daders nooit gevonden). De Militaristische Hindoe jeugdbeweging (waarvan de moordenaar van Gandhi lid was) mag zich weer vrijelijk organiseren en treedt weer zelfbewust op. Modi, de president is hier zijn carriere begonnen.

Straatbeeld in New Delhi

Ook Rahul Gandhi, kleinzoon van Indira (die zacht uitgedrukt ook verschrikkelijke dingen deed) en lijsttrekker van de seculiere Congrespartij is, gaat nu voor het oog van de camera naar de tempel en speelt steeds meer de populistische kaart.

India doet gewoon met de wereld mee: overal reclames, consumeren! consumeren! De mensen worden ook hier gek gemaakt met allemaal troep. De ontwikkeling gaat enorm snel en dat met zoveel mensen, waarvan een groot gedeelte op het platteland woont. En dat met een andere cultuur, godsdienst en geschiedenis. Toen ik hier 20 jaar geleden was, was ‘Dallas’ op de televisie. De hoofdpersoon skiede over een besneeuwde helling naar beneden. Alle kijkers wezen naar mij, ‘Jouw wereld! Kijk dan!’ Zo zagen ze toen het Westen en de televisie, het internet, en de ‘sociale media’ hebben dit alles nog dichterbij, bijna onder handbereik gebracht.

Onverzadigbaar, net zoals in Nederland, ga ‘ns kijken op zondagmiddag in Hoog Catharijne.

In Tegenlicht legde Pankaj Mishra het erg goed uit, in zijn boeken gaat hij nog verder, trekt hij het in een breder perspectief, net als C.A. Thomas bij ons in zijn boek en artikelen doet. Lees en huiver: De autoritaire verleiding.

Gisteren dacht ik bij elk bord, het lijkt de ‘kinloze man’ wel. Net als in Syrie, waar je overal Assad zag hangen, zie je hier overal Modi, bij voorkeur afgebeeld als een lieve, rustige oude man, die een moreel gezag uitstraalt en overal, maar vooral voor jou! zorgt. En ondertussen.

De andere kant is, dat er binnenkort verkiezingen zijn, dus misschien staan er op de helft van die borden verkiezingsleuzen. Ik kan ze niet allemaal lezen.

Hier lacht Modi je toe, thuis wenst Buma je goedenmorgen. want ook Nederland doet met de wereld mee. (Gelukkig nog wel op haar eigen manier, maar laat ons eerst maar de komende verkiezingen afwachten).

Ik vind het een groot voordeel, dat ik hier vaker ben geweest en er veel over heb gelezen. Maar dat is op een ander vlak ook een nadeel.

En buiten Modi en al die ontwikkelingen gebeurden en gebeuren hier op grote en kleine schaal verschrikkelijke dingen.

Ik moest even kwijt, dit onderwerp zal nog wel vaker aan bod komen.

Maar laat me vandaag eindigen met iets moois.

Delhi revisited

Vandaag heb ik enkele plaatsen bezocht die ik ooit, 30 jaar geleden gezien moet hebben. Ik heb er nauwelijks herinnering aan. Soms een geur of een kleur. Soms een bepaald gevoel.

Dus hop! Even een dag met de toeristenhub mee.

Allereerst was daar Purana Qila.

Op een enorm gebied stonden diverse gebouwen waaronder de Qila-i Kuhna moskee uit de 16e eeuw met prachtig inlegwerk.

Er nestelden parkieten (?) in een zijtorentje.

Daarna kwam de India Gate, een poort die werd opgericht ter nagedachtenis aan de vele Indiase soldaten (90.000) die in het Engelse leger in de eerste Wereldoorlog en de grensoorlogen met Afganistan in het Engelse leger mee vochten en stierven.

Bij deze poort begint een lange weg naar een heuvel, daar staan de voormalige (Engelse) regeringsgebouwen. Enorm groot en macht uitstralend. Zelfverzekerd van het gezag. Pas in 1911 werd Delhi de hoofdstad van het koloniale India en werd met de bouw van de stadsuitbreiding begonnen. Het geheel was pas in 1931 klaar. Hoe snel kan het gaan, 16 jaar later werd India onafhankelijk.

Daarna (het wordt toch een beetje een opsomming) kwam de tombe voor Humayan.

Ik liep eerst hiernaar toe, dacht dat dit de tombe was. Het was maar ‘een bijgebouwtje’.

Dit is de echte tombe.

Aan de overkant van de weg ligt Nizamuddin, hier ligt Sheik Nizamuddin begraven, een Moslim heilige die in 1325 stierf en een volgeling van de Sufi Islam was. Zijn graf is nu een belangrijke Sufi pelgrimsplaats. ik kreeg er een vieze hoofddoek en heb bedankt voor een bezoek aan het graf.

En tenslotte was daar de hoofdprijs, de Qutb Minar (minaret). Dit was ooit de hoogste toren van de wereld. (72,5 meter) met de bouw ervan is in 1202 begonnen, (maar heeft niet elk land een hoogste toren van de wereld?) In de loop der tijden heeft de toren natuurlijk van alles meegemaakt, aardbevingen, blikseminslag, oorlogen enz., maar hij is telkens weer hersteld.

Er bleken 22 foto’s van me te zijn gemaakt, allen met dit Pisa-achtige effect. Deze toren staat echter recht.

Het interessants vond ik de resten van de moskee, het is de oudste moskee van Delhi en hij is mede gebouwd door Hindoe’s. De pilaren zijn versierd met Hindoe motieven, zoals een paard, menselijke figuren en er was zelfs nog een fries te zien met afbeeldingen van de geboorte van Krishna. Alles erg ongebruikelijk voor een moskee.

Volgens de gids is er een inscriptie waarop staat dat de kolonnades gebouwd zijn met resten van overwonnen Hindoe tempels (wel 27). Die inscriptie heb ik niet gevonden, er stond nu een algemene tekst.

Ik moet echt erkennen dat niets van dit al ook maar iets van herkenning op riep. Het was allemaal volslagen nieuw voor me. Het enige dat bekend was, was het gevoel toen de tuktukchauffeur me tenslotte meenam naar een winkel met tapijten…..beeldjes…….pashminasjaals…….sari’s………thee. Dat gesprek, dat gevoel. Ik heb me beheerst……niets gekocht.

De ziel komt te paard.

Vannacht om kwart over 1 landde het vliegtuig in New Delhi en na anderhalf uur wachten op de bagage kwam daar de douane: met een driedubbele check van het paspoortnummer, het visum, het ‘landingsbriefje’ en het maken van nog een foto, gevolgd door een duimafdruk (‘please, your left hand madam’) mocht ik ‘erin’. Gelukkig stond daar de afgesproken taxi te wachten en na een tocht door een donker Delhi met nauwelijks verkeer en af en toe een oplichtende vuurtje op de stoep waar de mensen die op straat moeten slapen zich aan warmen, kwam ik enigszins versleten in het hotel aan.

Ik sliep direct.

De volgende dag wist ik even niet waar ik was. In welk leven? Welk jaar? Welk land?

Het ontbijt verhelderde veel. Dit was Indiaas.

Daar werd ik ook door een Zweedse man aangesproken die vroeg of ik met hem meeging met een stadstour, hij had een taxi geregeld. Dit leek me wat veel deze dag, een hele dag auto in, auto uit. Ik wilde naar buiten, lekker lopen, dwars door de jetlag heen. Het hotel ligt aan de rand van de oude stad. Op weg naar het ‘nieuwe’ Delhi en de musea werd het een wandeling door een stad vol tegenstellingen. De mannen achter hun typmachine voor het kantoor van een advocaat en de yup die daar langs loopt via zijn oordopjes luisterend naar de iphone. De vrouwen die met hun handen het vuil van de straat moeten opvegen voor de winkel van H&M die ‘sale’ heeft.

Rozenverkoopsters op Connaughtplace


Het was vandaag een feestdag ‘Beating of the Retreat’ (more military pageantry zei het boek). Alle officiele gebouwen, de musea, de bezienswaardigheden, alles was dicht. Hoe dichter ik bij Raipath (een grote boulevard waar de parade zou plaatsvinden) kwam, hoe drukker het werd met militairen, politie, zandzakken, roadblocks, enz. Het leek me een gezellig feest te worden. Toen er zwart gepantserde auto’s aankwamen rijden, met in het zwart geklede soldaten (?) getooid met bivakmuts en zonnebril, had ik er genoeg van. Ik ben heerlijk naar het park gegaan en heb daar wat rondgewandeld en lekker in de zon (25 graden….code 😊) op een bankje gezeten.

Helaas te vroeg (of te laat) voor de fountain.

Ik ben met een tuk tuk weer naar het hotel gegaan. Plaatselijke tijd om half 8 ging het restaurant open. (Ik wil even niet weten hoe laat het nu in Nederland is). En daar at ik chaat, een soort snack. Deze was gemaakt van aardappels met kruiden. Een soort aardappelkoekje gegardeerd met yoghurt en granaatappelpitten. Dat laatste heb ik hier nog nooit gezien. De vooruitgang (?) ook hier. En ondertussen blijf ik maar denken aan die uitzending van Tegenlicht, afgelopen zondagavond op de televisie.

Die hoed…….

Een half jaar geleden liep Joanna Lumley op de televisie zo enthousiast (met hoed) door India, dat ik me niet kon beheersen. Ik ben geen Joanna, heb ook al die beeldige kleren niet, maar ik heb wel een hoed! Ik heb hem gepakt en ben aan het nadenken geslagen. En nu zijn de plannen klaar, het koffertje wacht en morgen vertrek ik. Ik ga weer (proberen) mijn ervaringen op dit blog te verwerken. Het blog is zojuist ‘ge-upgraded’ – een beetje laat…….. met tal van nieuwe mogelijkheden waar ik dus helemaal geen tijd voor heb om die uit te zoeken. We zien wel!