Rivieren en bergen……..

Vandaag leek het wel of we in de sutra van Dogen liepen…….Omdat we gisteren laat en nat in het hotel aankwamen en het ook nog hard regende zag ik het echt niet meer zitten naar de tempel te lopen die nog op het programma stond. Vanochtend dus een nieuwe kans.

Omdat de weersvoorspelling ‘later deze ochtend regenbuien’ was, dus vroeg na een ontbijt met o.a. waterige rijstpap om 7.00 gestart met de wandeling naar de Jigenji tempel. Een japanse man die we gisteren tegenkwamen (we zagen hem daarna rennend over het pad door de regen gaan, hij zei dat hij dit ‘slechts 2 minuten’ deed) wilde met ons mee.

Het pad bleek steil omhoog te gaan, over glibberige stenen, langs afgronden en met prachtige uitzichten.

Bij de tempel aangekomen brak de zon door. Na nog een stuk glibberend klimmen kwamen we bij de grot waar Kobo Daishi gemediteerd zou hebben…….

Het ziet er een beetje donker uit, maar het was dan ook donker.

Je kon nog hoger, maar dat mocht alleen met een gids en er was weinig tijd. Het was ook nog een stuk om naar de waterval van 60 meter waar hij ascetische rituelen verrichtte, en we zagen onderweg zoveel mooie watervallen, dat we ook deze lieten schieten.

Paulien Cornelisse heeft ook aan de watervaltraining mee gedaan. Zie de aflevering uit Tokidoki.

Terug ging het eigenlijk best goed. Heen hadden we bij elke glibberige passage ‘hier moeten we ook weer terug!’ naar elkaar geroepen, maar het viel dus mee. Alleen liep de japanse man vlak achter me en zag ik ons al samen de berg af glijden.

We made it!

Hierna werden we met een auto naar het beginpunt van de klim naar tempel 20 gebracht en een klim werd het.

Regelmatig liep er een stroom water over het pad.
En het uitzicht!

Dit is de tempel van de kraanvogels, de tempel werd gerenoveerd en de vogels stonden helaas ook in de steigers.

Photoshoppen (heet dat zo?) helpt.

We waren om 3 uur beneden en moesten toen nog een 2e berg op naar de volgende tempel. Maar het was welletjes zo. We zijn via de weg naar het hotel gelopen en zagen onderweg ook weer van alles. Om onduidelijke redenen lukt het me nu even niet om foto’s toe te voegen, dus morgen weer verder. Naar tempel 21, op 618 meter hoogte.

En die altijd kloppende weersvoorspelling in Japan? Het is de hele dag droog gebleven.

Raindrops keep falling on my head

Hier hoeft geen onderschrift bij……

De dag begon droog vandaag, maar volgens het weerbericht kwam er zware regen (100% zo sprak de man op de tv) dus we zijn vroeg op pad gegaan.

Het is ‘s ochtends 6.30 uur. Het ontbijt staat klaar (rechts naast het huisaltaar hangt de televisie met daarop de weerberichten)

We bezochten eerst tempel 18, met daarin een rij beelden die ik al eerder op een foto had gezien en die op mijn ‘verlanglijstje’ stonden. (Ook gemist vorige keer……..)

Gezellig op een rij, maar ze kijken niet allemaal vrolijk.

Daarna ging de wandeling alweer door prachtige bamboe-bossen.

Hier hing een mysterieuze sfeer, ik ging bijna in de kami geloven……

‘s Middags begon het te spetteren, lange tijd zachtjes, doen we de regenkleding aan? En dan werd het weer droog. Trekken we toch ook maar de regenbroek aan? En toen ging het harder, steeds harder regenen. En dan begin ik ook te twijfelen, daar in de regen, lopen we wel op de goede weg?

De man was erg hulpvaardig, hij zocht lang in het boekje en dit werd nat. Maar ik betwijfel of hij kan kaartlezen.

Onderweg liepen we langs kleine winkeltjes. Het is landelijk op Shikoku en Tokyo is ver weg. Wifi, credit card, geld pinnen bij de Lawson (die toch verder alles verkoopt), dit alles heeft Shikoku nog niet bereikt.

Op de muur van het toilet van Lawson.
En een kapper: ‘cut and perm’
Voor de foto zette ze haar bril af.

We slapen vannacht in ‘Sakamoto’, dachten dat dit een kleine minshuku (eenvoudige herberg) zou zijn, maar het is een hotel met een zalige ofuro (gemeenschappelijk heet-water bad, voordat je er in gaat dien je je eerst goed schoon te boenen, de japanse dames die erbij aanwezig zijn letten hier scherp op). Het is een grote ofuro en als ik er uit stap komt er net een moeder binnen met twee heel kleine meisjes. Allemaal in bad. En ik? Ik ga hier na gloeiend en rozig eten en dan vroeg naar bed. Morgen om 6.30 uur staat het ontbijt klaar.

Buiten gaat de regen door. Mariet zegt: ‘Luister dan, het kan nog harder!’

In het voetspoor van……

‘Loop niet in de voetsporen van de oude meesters,
zoek waarnaar zij zochten’

Dit is het advies van Kobo Daishi. Hij werd in 774 in Zentsuji (tempel 75) op Shikoku geboren. Na zijn studie ontmoette hij een monnik die hem voor het Boeddhisme interesseerde. Hij werd door de keizer uitgekozen om dit in China te bestuderen en hij vertrok, na tot monnik te zijn gewijd, naar Xian, de toenmalige hoofdstad. Na zijn terugkeer werd hij erkend als Daishi (meester), hij werd populair aan het hof en hiermee begon de bloei van het esotorisch Boeddhisme in Japan. (Esotorisch – of Shingon – Boeddhisme is gebaseerd op een geheime leer en wordt van leraar op leerling overgegeven). In Koyasan stichtte hij het hoofkwartier van het Shingon en daar is hij ook begraven. Zijn hele leven keerde hij regelmatig terug naar Shikoku, om zich in de bergen terug te trekken en daar ascetische praktijken te beoefenen.

Hij heeft veel wonderen op het eiland verricht en in de loop der eeuwen zijn er op deze plaatsen tempels gesticht en ontstond er een pelgrimstocht langs deze tempels.

In een grot bij de kaap Muroto (tempel 24) had hij een ‘verlichtingservaring’ en nam de naam Ku (hemel) Kai (oceaan) aan, (de kaap: waar hemel en oceaan elkaar ontmoeten).

Kukai heeft een duidelijke Japanse versie van het Boeddhisme neergezet. Hierin zijn enerzijds veel goden en rituelen van het Indiase Hindoeisme te herkennen, anderzijds is het sterk beinvloed door het Shintoisme, de oorspronkelijke animistische godsdienst van Japan. Dit is waarschijnlijk de reden waarom het Shingon nog steeds populair is.

En waarom 88 of 108 tempels? Volgens Kukai is onze geest door 108 vervuilende staten vervuild en door 108 tempels af te gaan kun je bij elke tempel ‘een staat onder handen nemen’ en zo tenslotte de verlichting bereiken. Enige opmerkingen hierbij: ik begrijp dat de geest vervuilende staten kent, maar 108? Ook begrijp ik niet helemaal waar de 88 dan voor staat. Maar wellicht word me dit de komende tijd duidelijk.

Dus toch een beetje in de voetsporen van de oude meesters.

Bij elke tempel staat minstens 1 beeld van Kobo Daishi, en wij stonden er ook! Hier met Jennifer die met ons mee loopt.

Op weg naar de bewoonde wereld.

Vandaag liepen we langzaam het dal uit.

Speurend naar de herfstkleuren.

De herfst laat hier nog even op zich wachten. Het was vandaag weer warm: 23 graden. Het dal eindigde bij een brede rivier, waar niet zoveel water in stond.

Geen idee waar al het regenwater blijft.

Het was weer een flink stuk naar Bekkaku-tempel 2, waar Kobo Daishi leerde schrijven:

En hij sliep hier ook:

Onder een dekentje.

Onderweg passeerden we een henro hut: deze wordt door de plaatselijke bevolking gebouwd en beheerd. Er zijn zeer eenvoudige henro hutten (een ‘dak’ op 4 palen) en prachtige, zoals deze:

Er staat ook een paraplu!

En alles wat je als ‘henro’ nodig hebt is in deze hut: vers fruit, schrijfgerei, informatie over Tokushima, iets te drinken enz.

Naast de hut ligt een rijstveld waar oude graven in staan.

Ook Japan.

Als we langs de weg verder lopen stopt er onverwachts een auto. Een vrouw stapt uit en rent naar ons toe met een zakje tomaatjes. Osetta! Een gift aan de pelgrim. Het zijn heerlijk zoete tomaatjes, een mooi geschenk. En tenslotte bereiken we tempel 13. Tegenover de tempel ligt een groot Shinto complex. Vaak zie je Shinto en Boeddhisme naast elkaar en soms zijn beide geheel met elkaar vermengd.

Aan de overkant van de straat staat een Shinto tempel.

Naast de tempel staat de ryokan waar we vandaag overnachten. We zien hier weer de andere henro’s waar we onderweg mee hebben kennisgemaakt, o.a. Een Deens echtpaar en een vrouw uit de V.S. We wisselen direct weer alle ervaringen van deze dag uit.

En dit zojuist mijn maaltijd.

Het is nu 10 over 8, de televisie staat aan (een soort Japanse RTL) ik heb gegeten, ben in bad geweest en zo is het genoeg. Ik ga richting bed: een dun matras op de tatami mat. Morgen is er weer een dag en staat om 6.30 uur het ontbijt klaar: de avondmaaltijd in afgeslankte vorm.

Climbe every mountain

Dinsdag 15 oktober – Het was vandaag een dag van pittige heuvels: op en neer – de hele dag van ‘s ochtends kwart over 8 tot ‘s middags kwart over 4.

Tempel 6 in de vroege ochtend.

Maandag 14 oktober – Maar nog even over gisteren….. tempel 6 t/m tempel 10. Sommige tempels liggen dicht bij elkaar (meestal in een stad), de grootste afstand tussen 2 tempels is dacht ik 85 km (langs de kust).

Maar gisteren dus die 5 tempels. We liepen over smalle weggetjes en door kleine dorpjes, langs rijstvelden, over ‘zomaar vlak land’ begroeid met onkruid en we trokken over 2 grote rivieren.

De tempels hebben elk hun eigen accent, eigen sfeer.

De toegangspoort van tempel 9.

Dinsdag 15 oktober – En vandaag stond er maar 1 tempel op het programma maar omdat we gisteren te laat waren voor tempel 11 ‘deden we die er vandaag nog even bij’.

De hoofdhal van tempel 11.

Direct na tempel 11 begon het pad naar tempel 12. En dan bedoel ik direct. Het begon direct met klimmen. We zijn 3x omhoog en dus 3x omlaag gegaan door prachtige bossen met schitterende uitzichten. Toen ik deze tocht 3 jaar geleden liep was het slecht weer. Het regende de hele dag en soms liep ik in een wolk. Ook de tempel heb ik toen maar snel bezocht. Nu was het vaak droog, met heel af en toe een zonnestraaltje en was de regen ‘leefbaar’.

Maar het was zwaar, er waren stukken van het pad weggespoeld en we liepen over grote stukken steen die door de regen glad werden. Ook waren de boomwortels glad. Onderweg stonden er weer beeldige beeldjes van Jizo of een standbeeld van Kobo Daishi.

Hier bijvoorbeeld op de plaats waar hij een wonder heeft verricht. (Zo gaat het verhaal….)

Kobo Daishi bij de boom die hij nav het wonder plantte.
Glibberend in de regen.
Met prachtige uitzichten.

We kwamen dus vrij laat op de derde heuvel bij tempel 12 aan. Direct na binnenkomst door de poort stonden prachtige bomen. Bomen die met de poort voor een prachtige sfeer zorgden. Die poort met die bomen….dat vind ik het allermooiste van tempel 12.

De toegangspoort van tempel 12.

Daarna moesten we nog naar beneden, over de weg zou het lang duren, dus namen we weer ‘afsnij-paadjes’ steil omlaag. Dit hielp dus niet. Rond 5 uur begon het te schemeren en werd het snel donkerder. En waar was de herberg? We vroegen het aan 2 dames in een passerende auto. Zij boden een lift aan.

In de verte branden de lichtjes van de herberg.

10 voor 6 liepen we naar binnen. Direct door naar het eten. De stokjes stonden al klaar.

Veel tempels vandaag

Vandaag stonden er veel tempels op het programma en het weer was prima! Maar eerst de problemen van gisteren. Het grootste probleem had Mariet, ze was gisteren haar portemonnee ergens verloren (met niet al haar geld, maar wel veel). Dus hebben de mensen van de ryokan gisteravond voor ons opgebeld: naar de Lawson (een winkel met w.c.’s), de politie en een koffietentje waar we koffie dronken en alle natte spullen uittrokken en de inhoud van de rugzak bekeken, wat was daarvan nat geworden?

Hier zit ik (fris gewassen) aan het avondeten.

Het andere veel kleinere probleem was dat ik nu na 1 dag (al) mijn nieuwe zonneklep kwijt was. Zonneklep? In de regen? De zonneklep gaat onder de kapuchon van de regencape en zorgt er zo voor dat ik nog door mijn bril kan kijken. Toen we vanochtend naar buiten stapten hing hij daar aan het bankje. En de zon scheen dus heb ik hem aan de rugzak gehangen.

In tempel 1 stond een gezelschap de gebeden te reciteren onder begeleiding van onbekende muziekinstrumenten, waarop geblazen werd. Er klonk slechts 1 toon.

De middelste man droeg aan de achterkant ook een dierenhuid om zijn middel.

In de winkel hebben we de laatste spullen gekocht en zijn op pad gegaan.

Ja, een beetje pelgrim heeft heel wat te kopen.
Zicht op Naruto om 8 uur ‘s ochtends.
Tempel 2 had de eerste trap……..
En een heilige, zeer oude boom, die gestut wordt.

Na het bezoek aan tempel 3 stonden daar bekenden op ons te wachten: het waren de mensen van de ryokan die contact hadden gehad met het koffietentje en ze brachten de daar gevonden portemonnee naar Mariet terug.

Het pad naar tempel 4 had duidelijk te lijden gehad van het weer van de afgelopen dagen.

In tempel 4 is een prachtige gang met Boeddha beelden. Ze worden weer gerestaureerd, de hoofden zijn al klaar.

Ik vind ze zo ook al prachtig. Voor mij hoeft de rest niet gerestaureerd te worden.

Na tempel 5 ben ik nog 5 km verder en naar boven gegaan naar de zgn Benkakku tempel 1. Het was achter elkaar klimmen, eerst over de weg, daarna via een afsnij-paadje.

Het afsnij-paadje ging door een bamboebos.

Precies om 4 uur kwam ik bij de tempel aan en stortte het stempelbureau in, met de vrees dat dit om 4 uur dicht zou gaan. (En ik verging van de dorst, het was warm en vochtig vandaag.) Daar zat een lieve stempelmonnik die me eerst een speciaal bekkaku boekje verkocht, toen daar diverse verder onleesbare papieren in deed en me tenslotte 2 blikjes drank in de handen stopte.

Voordat je het tempelcomplex betreedt wordt je geacht je mond en handen te wassen.

De wasplaats met een prachtige draak (voor deze keer met 1 van de blikjes, ik was er erg blij mee)

Toen ik om kwart over vier weer naar beneden liep realiseerde ik me al snel dat ik ver na de afgesproken 5 uur pas weer bij Mariet zou zijn die beneden op me wachtte. Ik durfde niet over het steile afsnij-paadje naar beneden te gaan en de weg was lang…….. Blik op oneindig en doorlopen dus. 3 Auto’s passeerden me en daarna nog een japanse pelgrim op een motor, (die ook nog boog). Daarna stopte er een auto: met de stempelmonnik, zijn werk zat er voor vandaag op en hij was op weg naar huis. Of ik mee wilde rijden? Mijn japans was haast nog slechter dan zijn engels dus het werd niet echt een gesprek, maar hij zette me keurig om vijf minuten voor vijf op de afgesproken plek af.

Om half zes waren we bij de minshuku waar we vandaag slapen. We hebben veel gezien vandaag maar ook, bovenal, kennis gemaakt met de mensen van Shikoku: zo aardig, eerlijk en behulpzaam.

‘Buiten waait de wind om het huis’

Ja, buiten stormt hier de wind om de ryokan waar we vannacht slapen. Want er waait een tyfoon in Japan en het is niet de minste. Maar door een speling van het lot: vertrok ons vliegtuig nog uit Amsterdam; landde dit vliegtuig ( volgens plan) ook nog in Osaka; konden we ook nog met een bus (de ferry was al uit de vaart genomen) mee naar Tokushima en vonden we daar al snel het gereserveerde hotel, waar we gisteren aan kwamen.

En toen was het na 20 uur wakker zijn (in het vliegtuig, waar ik slechts enkele uurtjes sliep) en wakker blijven (daarna) op. Na een eerste Japanse maaltijd en een heerlijk bad heb ik als een blok geslapen.

En hoe was het weer vanochtend? Zou de trein naar Naruto, waar tempel 1 staat wel gaan? Op het nieuws en via de app waren erge te berichten te lezen. De dames van de balie konden enig uitsluitsel geven: er reden geen treinen richting zuiden, maar alle andere wel!

Dus nu ben ik in Naruto, op 200 meter afstand van tempel 1. Het waaide hard hier vandaag met af en toe enorme regenbuien. De laatste uren is het gestopt met regenen maar het waait nog steeds.

Shikoku blijkt net de tyfoon (dans) te ontspringen. Wij zitten hier zelfs in het enige eilandhoekje waar hij van invloed is. 50 km verder (zegt men) is het rustig.

Dus zijn we om er een beetje in te komen alvast naar tempel 1 en 2 geweest.

Zojuist op de tempelgong geslagen: de tocht is begonnen!

Delhi, de cirkel is rond

Met in mijn portemonnee nog het briefje van de laatste treinreis: perron 3, wagon H1, cabin C, bed l1, kreeg ik zojuist een email van de klm dat ik kan inchecken.

Gisterochtend ben ik weer in New Delhi aangekomen. Na een reis met zoveel indrukken, beelden, ervaringen, vragen en met net zoveel verhalen en antwoorden.

Varanassi

Early in the morning we crossed the ghat,

where fires still smoldering,

and gazed,

with our Western minds, into the Ganges.

A woman was standing in the river up to her waist;

she was lifting handfuls of water and spilling it

over her body, slowly and many times,

as if until there came some moment

of inner satisfaction between her own life and the river’s.

Then she dipped a vessel she had brought with her

and carried it filled with water back across the ghat,

no doubt to refresh some shrine near where she lives,

For this is the holy city of Shiva, maker

of the world, and this is his river.

I can’t say much more, except that it all happened

in silence and peaceful simplicity, and

something that felt

like that bliss of a certainty and a life lived

in accordance with that certainty.

I must remember this, I thought, as we fly back to America.

Pray God I remember this.

Mary Oliver

Een wandeling in Lucknow

Ik ben ruim 4 hele dagen in Lucknow en dat betekent dat ik rustig aan kan doen. Zo heb ik vandaag ‘zo maar een beetje’ rondgelopen.

Ik stuitte al vroeg op een politieke ‘optocht’. De BJP (van Modi) trok de stad in onder aanvoering van een stel olifanten. Na het nemen van deze foto sprong de man in het geel uit de tuktuk om te vragen of ik de foto naar hem wilde opsturen. Hij gaf me zijn telefoonnummer, of ik even wilde bellen voor het adres. Ik heb hem mijn emailadres gegeven; hij moet (nog steeds) maar even mailen, dan mail ik hem de foto terug.

Ik was in deze straat op zoek naar het monument ter ere van de opstandelingen uit 1857. De hele residency staat vol met herdenkingskruizen van zo ongeveer alle Britse regimenten en waar was het herdenkingsmonument voor de sepoys? Er moest er toch wel minstens 1 zijn? Ik had erover gelezen en gisteren op weg naar de boekwinkel had ik het vanuit de metro (die grotendeels boven de stad rijdt) vanaf een brug gezien.

Het memorial voor de sepoys

Saheed Smarak

Daarna ben ik op zoek gegaan naar een riksha,

Ik heb van die momenten dat ik met een fietsriksha ga en ze dan geef wat ze vragen. Of ik ding af en geef ze dan toch de ‘eerste prijs’. En altijd, ook in de metro en ook als je de krant gaat lezen, gaan de schoenen uit.

Alweer een zo op het oog prachtig gebouw,

tot je dichter bij komt. Weer een mausoleum, dit keer van Shabnajaf en zijn 3 vrouwen. Het was er heerlijk koel. Bij de kist zat een groep mensen naar een toespraak (?) te luisteren. Enthousiast vroeg men of ik mee wilde luisteren. Maar ik sprak de taal niet…..

Terug in de hoofdstraat kwam er weer een verkiezingsoptocht voorbij. Groen-rood met een fiets als symbool. Welke partij zou dit zijn? Omdat groen-rood ook Islamitische kleuren zijn vroeg ik dit aan 1 van de mannen met een vlag. Weer niet goed, toen ik daarna vroeg ‘What is this’ antwoordde hij met een afkorting.

In ieder geval was de partij erg populair.

Voor als het filmpje niet werkt:

Er werden ook veel foto’s gemaakt.

Ze kwamen me deze keer niet om de foto vragen.

In het hotel heb ik het even uitgezocht. Het gaat om de Samajwadi partij (denk ik). Een partij die volgens wikipedia ‘zichzelf als democratisch socialistisch beschrijft’. Na de beschrijving volgen een aantal onduidelijke zaken waarin de partij betrokken is (en geweest). Het idee om Groen Links aan te raden contact te zoeken, heb ik maar laten gaan. Maar die fiets is natuurlijk wel een goed idee.

In Wikipedia staat een groot overzicht van alle partijen met gegevens en symbool. Er zijn erg veel partijen, veel meer dan in Nederland, maar India is ook wat groter. Zo worden o.a. de volgende symbolen gebruikt: vaak een olifant, een kokosnoot, nog een keer een fiets, een kam, ‘a lady farmer carrying a paddy on her head’ en ‘a rising sun’. Dit is het symbool van de Dravida Munnetva Kazhagan. Het is een partij van de Dravidians, een volk uit Tamil Nadu dat tot een lage kaste behoort. (heel kort samengevat). Hun leider is M.K. Stalin (geen familie). Deze partij wordt (denk ik weer) nogal wat keren aangehaald in ‘De god van de kleine dingen’.

Yet another road show’: (Uit de krant vanochtend, 19 april)

Ik geloof niet dat de The Times of India een fan is van de SP-BSP.

Lucknow

Ik ben inmiddels in Lucknow aangekomen, de laatste stop (voor Delhi) op deze reis. Lucknow is de hoofdstad van Uttar Pradesh en hier heeft zich een belangrijke gebeurtenis in de eerste grote opstand in de onafhankelijkheidsstrijd afgespeeld: De Mutiny in 1857. Het was een opstand van de sepoys tegen de East India Compagnie omdat het verhaal de ronde deed dat de nieuwe kogels ingevet moesten worden met koeien- of varkensvet. De Hindoeistische en Islamitische soldaten weigerden dit en kwamen dus in opstand. (Dit is 1 versie, – de simpele-, er zijn meerdere versies met grote verschillen tussen de Indiase en Engelse). De opstand begon in Meerut en spreidde zich al snel uit naar Delhi, Agra en Lucknow.

Uit angst voor de rebellen waren alle Engelse burgers uit Lucknow en omgeving naar de Residency gevlucht, een groot complex gebouwen in het centrum van Lucknow.

De Residency is 147 dagen door de rebellen belegerd. Hierbij stierven aan beide kanten duizenden doden. Toen de opstand gebroken was werd De East India Compagnie ontmanteld en werd India onder direct gezag van de Engelse kroon gesteld. Hier komt Canning (uit Kolkatta) in beeld. Hij heeft een grote rol gespeeld in het neerslaan van de opstand werd daarna de eerste ‘onder-koning’.

Na het beleg is de Residency door de Engelsen verlaten. Echter, de Union Jack werd wel gehesen om vanaf de ruine van het hoofdgebouw dag en nacht te wapperen (hij werd dus zelfs niet voor de nacht gestreken). Dit zegt alles over de Britse psyche, schrijft een Indiaas commentaar. Slechts enkele uren voor de onafhankelijkheid werd de vlag pas gestreken.

De toegangspoort

Sinds 1848 is het terrein verlaten gebleven. Na de onafhankelijkheid is het tot monument verklaard.

De kogelgaten in de muren zijn nog zichtbaar

‘De Residency ligt stil in het hart van Lucknow en rouwt’. (Indiaas commentaar).

Met de Indiase vlag in top

Daarna werd het hoog tijd voor een kopje thee.

Deze jongen heeft een teastall bij het hooggerechtshof, vandaar de heren op de achtergrond in advocaten kleding. Hij wilde de folder lezen die ik bij me had en toen kookte de melk over. (Hier is de melk alweer gezakt) Vlak na het nemen van de foto ging zijn telefoon en klonk de ringtone: Zachtjes klinkt de regen op mijn zolderraam, tot ieders verbazing kon ik meezingen. Ik hoefde daarna niet voor de thee te betalen.

Lucknow is een grote multiculturele stad (3 miljoen inwoners) met een metro! Dit is hun grote trots. En hij is dan ook erg mooi. Er is 1 lijn klaar die ruim 22 km lang is met 21 stations. Het hotel staat in een buitenwijk, (ik dacht even waar ben ik nu terecht gekomen), maar het staat naast een metrostation en zo ben ik in 15 minuten in het centrum.

Hier ben ik plotseling in het India van de 21ste eeuw terecht gekomen. Ik heb een ‘go smart’ kaartje dat 3 dagen geldig is. Op elk station is er eerst een veiligheidscontrole, alle tassen gaan door een scan, ik door een poortje. De afgelopen dagen zijn mijn nagelvijl, een boek en de camera als ‘verdacht’ aangemerkt. Op de perrons staat een man die fluit als de trein eraan komt en wederom fluit als hij vertrekt. Ook is er op elk perron permanent iemand aan het vegen.

In de wagon wordt ons in 4 talen dringend gemaand niet te spugen en ook niet op de grond te zitten. Ik heb al een aapje ontdekt op een station en het is nu dus wachten op de eerste koe die met de roltrap naar het perron gaat.

Dit is het metro station Hazrat Ganj, in het centrum van de stad. Daar gaat ‘India’ gewoon verder.

Hier ben ik op zoek naar een boekwinkel. Er zijn er hier diverse en ik werd naar een winkel in het nieuwe gedeelte verwezen. Ik kreeg een briefje met de gegevens van het metrostation en de prijs van de tuktuk. Ik kwam in een enorme winkel terecht met een grote collectie Engelstalige boeken.

’s Avonds ga ik uit eten bij ‘Royal Cafe’. Het ziet er van buiten niet uit, maar binnen is er een mooi, groot restaurant dat 1 van de besten van de stad is.

Maar de grote attractie is het ‘streetfood’. Een schaaltje met veel onbekends, heerlijk buiten op te eten.