Het is bar en boos

Vannacht is het begonnen te regenen en daarbij ging het ook nog waaien, waaien? Nee……stormen! We besloten niet te gaan lopen maar met de bus direct naar Muroto te gaan. Uit de bus gestapt sloeg de storm direct toe. We dachten zo code oranje? Maar hier gaat alles zijn gewone gangetje. De eigenaar van de ryokan had een briefje gemaakt want we moesten ook (nog) overstappen. En zo stapten we voor het toeristen informatiecentrum uit. Hier druppelde, nee stroomde de regen naar binnen.

We konden de rugzak hier laten staan en besloten toch de klim naar tempel 24 (boven op de heuvel) te wagen.

Is dit de grot?

Nee, het is niet de grot, maar toch een grot met een verhaal. Ook de moeder van Kobo Daishi beklom deze heuvel en ook toen stormde en regende het. Kobo spleet toen de rots om een schuilplaats voor haar te maken. En waar was hij nu? Wij moesten en gingen op eigen kracht het glibberige pad omhoog.

De toegangspoort van tempel 24.

Gezien de weersomstandigheden hebben we hier een vlug bezoek aan gebracht.

Het uitzicht ’naar buiten’ vanuit de hoofdhal.
Het zicht ‘naar binnen’; het beeld van de Boeddha is nog net te zien.

Na het stempel moesten we weer naar beneden.

Hier wordt de naam van de tempel in mijn boek gekaligrafeerd.

Beneden besloten we toch nog even naar de oceaan te kijken. Want we zijn op ‘de Kaap van Muroto’, er is hier veel te zien: prachtige beelden, de grot van Kobo’s verlichting enz. Ik had speciaal een halve dag ingepland, ‘tijd voor nemen’ staat er in mijn aantekeningen. Daar hebben we dus niets van gezien. Maar wel het indrukwekkende natuurgeweld van de oceaan in de storm.

Bij de dames van het toeristenbureau was niets veranderd, het lekte er nog steeds. Maar wat waren ze aardig en behulpzaam. We kregen een kopje koffie met een stukje chocola. Daarna belden ze onze ryokan om te vragen of we eerder konden komen. En ze volgden op een scherm de bus en zouden een seintje geven wanneer wij naar de bushalte (10 meter verderop) konden gaan. Zo laat mogelijk!

Wij wachtten op de rechterbus.

Ook gaven ze een briefje mee voor de chauffeur waarop aangegeven wanneer we uit de bus moesten stappen.

En nu zitten we alweer rozig, warm en schoongeboend met droge, warme kleren in de ryokan van vandaag. De rugzak is uitgepakt, alles uit mijn pelgrimstas ligt te drogen, en de kleren zijn weer gewassen. Buiten raast de oceaan nog steeds. Code rood lijkt mij.

Onderweg

Na gisteren wilden we een rustige wandeldag en besloten naar het plaatsje Toyo, 22 km verderop richting de Kaap Muroto te wandelen.

De weg waarop we lopen gaat vlak langs de oceaan.
Herstellingswerk.

Dit gebied ligt in de gevarenzone van de tsunami en overal staan waarschuwingsborden en wordt het aantal meters boven de zeespiegel aangegeven.

Richtingaanwijzer naar het hoger gelegen verzamelpunt.

Shikoku is echt een landelijk eiland en soms lijkt het of de tijd heeft stilgestaan. Dit treintje rijdt (soms met 1 wagon) heen en weer over enkelspoor en wordt bestuurd door een machinist die tevens de betaling van je kaartje aanneemt.

Onze trein van gisteren.

Tot onze grote vreugde zag ik een winkel met op het uithangbord ‘pan’, brood! Ofschoon wij zowel bij het ontbijt als bij het avondeten rijst krijgen, eten de Japanners ook brood. Dit is een luxe produkt. In deze winkel lagen ook ‘gewone broden’, stokbroden enz. Alle andere broodjes waren zoet, of gevuld, met ‘an’ (linzen in een zoete creme), of met chocolade of slagroom.

We zochten een heerlijk broodje uit en kregen een kopje koffie van de zaak.

Tegenover de bakker stond een enorm bouwwerk, waar de mensen naar toe moeten vluchten ingeval van een tsunami.

Overal liggen golfbrekers.

Uitzicht over de oceaan.

Een ns-wandeling ook in Japan!

Dinsdag 22 oktober De henro route ging vandaag langs de weg en omdat het prachtig weer was (stralende zon, ver boven de 20 graden en een verkoelende wind van de oceaan) besloten we de ‘Shikoku no michi’ te wandelen. Dit is een lange afstandspad door de natuur op Shikoku. De route liep vandaag evenwijdig aan de henro-route die langs de snelweg liep. De wandeling ging van het station Hiwassa (in Miname, waar we sliepen) naar het station Yamagawachi, waar we op de trein wilden stappen om zo naar station Sabase te gaan dat bij de tempel ‘Saba Daishi’ ligt. Dit is de tempel die ter ere van het ‘wonder met de makreel’ uitgevoerd door Kobo Daishi, op de plaats van het wonder is gebouwd. Daar hadden we een slaapplaats gereserveerd.

Volgens de beschrijving zou de tocht hilly zijn met superb views en 4,5 uur duren.

Bij het vertrek uit Miname zien we de tempel in de verte, nu in de zon.
Het plaatsje is nog lang te zien.

Het was inderdaad hilly, we liepen geen 10 meter over vlak terrein, heuvel op en klif af en op de steile stukken waren traptreden aangelegd, altijd ongelijk van hoogte en diepte. Ik telde de treden soms en kwam tot 145 (!) treden op de hoogste helling. Ik kan wederom uit ervaring spreken dat het klimmen en dalen via deze treden slopend is en zeker weer tot afvallen zal leiden.

We hebben de Grote Oceaan bereikt.
Trappen, trappen, trappen.

Op de mooiste uitzichtspunten stonden gelukkig hutten of banken en de views waren schitterend.

En de tijd? We zijn om 8 uur gestart en kwamen om kwart over 4 op het bedoelde station aan. We hebben regelmatig kort gerust (uitgehijgd liever gezegd) dus daar kan het tijdsverschil niet door verklaard worden. We kwamen wel een joggende man tegen die ons vrolijk begroette, dus het kan zijn dat we over een jogging route liepen???

De volgende trein ging om 17.11. We hadden hadden begrepen dat we om 17.00 uur aanwezig moesten zijn om de dienst mee te maken. Toen we er dan eindelijk om 17.50 aanklopten (er was geen bel te vinden) was het hele complex donker en waren alle deuren dicht. Gelukkig hadden we via de telefoon contact met Jennifer die in kimono (zij was op tijd aangekomen, was in bad geweest en had al gegeten) aan de andere kant van de deur stond. Zij ontdekte de stok waarmee de schuifdeur dicht / klem was gezet. Ze bracht ons naar de eetzaal waar onze maaltijd nog stond te wachten. Er was nml geen dienst om 17.00 uur, dit was het tijdstip waarop de maaltijd werd geserveerd. Na enkele minuten kwam de monnik van dienst ons begroeten en de dame uit de keuken met warme rijst en soep. Zij verdwenen al snel weer. De maaltijd was heerlijk en daarna wilden we naar onze kamer. Na enig zoeken in het enorme complex troffen we de monnik weer die ons naar de kamer bracht.

We hebben dit keer een eigen bad, uit de kraam komt alleen koud water, maar dat maakt niets meer uit. Het wifi doet het ook niet. En wij, wij liggen uitgeteld op de grond (in Japan slaap je op een dunne matras op de tatami-mat op de grond).

Morgen op zoek naar die makreel……..

Daar is ‘ie dan!

De volgende ochtend ontdekte ik het knopje van het warme water, deed het wifi het plotseling en ‘vond’ ik de makreel.

Onderweg

Japan is een gewoon land, Shikoku is een gewoon eiland. Je kan worden natgespat door een voorbij rijdende auto, mensen kijken chagerijnig, klopt je wisselgeld wel? Zit ‘ie me nu uit te lachen? enz. Zoals overal kan dat je ook in Japan gebeuren. Niets menselijks is de Japanner vreemd.

Maar op Shikoku kan je nog meer gebeuren en dat is het krijgen van Osettai. Zomaar onderweg komt er een wildvreemde op je af om je iets te geven.

We sliepen vannacht in ‘Sazanka’, ik was hier 3 jaar geleden ook geweest en was toen getroffen door de enorme puinhoop in het algemene gedeelte (de slaapkamers zien er keurig uit) en door de enorme hartelijkheid van de eigenaresse.

Net klaar met het avondeten.

Er was niets, maar dan ook niets veranderd.

Bij het vertrek deze ochtend mochten we van de tafel meenemen wat we maar wilden. Osettai!

De osettai tafel.

Nadat we ongeveer 2 uur gelopen hadden werden we staande gehouden door een man met een bestelauto, hij wilde ons iets geven: een gekookt ei (in Japan kan het je overkomen dat je bij het ontbijt een rauw ei krijgt) met zout! Keurig apart verpakt, met een servetje. Hij deed ook nog wat snoepjes in het zakje.

Het landschap onderweg.

Daarna passeerden we een Shinto tempeltje, het staat op de plek waar Kukai ook een wonder heeft verricht: hij stampte met zijn staf op de grond en er ontstond spontaan een bron. (sindsdien? Water genoeg hier, het regent inmiddels weer pijpenstelen)

Toen we hierna de bocht omgingen en een pauze namen in een henro hut, zat daar de man weer met warme koffie!

Hij had alles bij zich, warm water, koffie, melk en thee.

De lucht werd alsmaar donkerder en ofschoon er pas voor vanmiddag regen was voorspeld, moest rond 12 uur de regenkleding aan.

Is altijd geworstel met de pijpen.

Vlak voor Minami, waar we vandaag slapen stond een tempeltje met Fudo Myoo, een angstwekkende god, die zo kwaad kijkt om al het boze te verjagen.

Na nog een kopje koffie bij de Lawson bereikten we tempel 23: Yakuoji. Er gaan 42 treden voor mannen en 33 voor vrouwen omhoog en de echt ware pelgrim legt hier muntjes op de traptrede als donatie aan de tempel.

Het regent inmiddels hard, het is hier al donker en nat.
Uitzicht vanaf de tempel.

Dit is het weer voor vandaag, we slapen in een beeldige authentiek oude ryokan, maar omdat we de rugzakken hebben uitgepakt is het niet mogelijk een foto te nemen zonder al ‘onze rommel’. Ik ben zojuist in bad geweest en we gaan over een uurtje eten. Zomaar een dag onderweg.

Natuur, natuur, natuur

Two roads diverged in a yellow wood,

And sorry I could not travel both

And be one traveler, long I stood

And looked down one as far as I could

To where it bent in the undergrowth;

Omdat we vandaag door alweer prachtige natuur liepen en dit morgen voorlopig beeindigd is, (want dan bereiken we de kust): een bladzijde vol met al het moois dat we vandaag zagen.

Het uitzicht vanaf tempel 22, met heel in de verte de oceaan.
De stammen van de ceders.
Heel voorzichtig begint de herfst.
Een zonne-? of een lotuspaddestoel?
Varens langs het pad.
Het pad dat weer door een bamboebos gaat.
De traptreden bij de tempel.
En zomaar een stam, zo mooi.

Two roads diverged in a yellow wood, and I –

I took the one less traveled by

And that has made all the difference.

(ingekort) door Robert Frost.

Rivieren en bergen……..

Vandaag leek het wel of we in de sutra van Dogen liepen…….Omdat we gisteren laat en nat in het hotel aankwamen en het ook nog hard regende zag ik het echt niet meer zitten naar de tempel te lopen die nog op het programma stond. Vanochtend dus een nieuwe kans.

Omdat de weersvoorspelling ‘later deze ochtend regenbuien’ was, dus vroeg na een ontbijt met o.a. waterige rijstpap om 7.00 gestart met de wandeling naar de Jigenji tempel. Een japanse man die we gisteren tegenkwamen (we zagen hem daarna rennend over het pad door de regen gaan, hij zei dat hij dit ‘slechts 2 minuten’ deed) wilde met ons mee.

Het pad bleek steil omhoog te gaan, over glibberige stenen, langs afgronden en met prachtige uitzichten.

Bij de tempel aangekomen brak de zon door. Na nog een stuk glibberend klimmen kwamen we bij de grot waar Kobo Daishi gemediteerd zou hebben…….

Het ziet er een beetje donker uit, maar het was dan ook donker.

Je kon nog hoger, maar dat mocht alleen met een gids en er was weinig tijd. Het was ook nog een stuk om naar de waterval van 60 meter waar hij ascetische rituelen verrichtte, en we zagen onderweg zoveel mooie watervallen, dat we ook deze lieten schieten.

Paulien Cornelisse heeft ook aan de watervaltraining mee gedaan. Zie de aflevering uit Tokidoki.

Terug ging het eigenlijk best goed. Heen hadden we bij elke glibberige passage ‘hier moeten we ook weer terug!’ naar elkaar geroepen, maar het viel dus mee. Alleen liep de japanse man vlak achter me en zag ik ons al samen de berg af glijden.

We made it!

Hierna werden we met een auto naar het beginpunt van de klim naar tempel 20 gebracht en een klim werd het.

Regelmatig liep er een stroom water over het pad.
En het uitzicht!

Dit is de tempel van de kraanvogels, de tempel werd gerenoveerd en de vogels stonden helaas ook in de steigers.

Photoshoppen (heet dat zo?) helpt.

We waren om 3 uur beneden en moesten toen nog een 2e berg op naar de volgende tempel. Maar het was welletjes zo. We zijn via de weg naar het hotel gelopen en zagen onderweg ook weer van alles. Om onduidelijke redenen lukt het me nu even niet om foto’s toe te voegen, dus morgen weer verder. Naar tempel 21, op 618 meter hoogte.

En die altijd kloppende weersvoorspelling in Japan? Het is de hele dag droog gebleven.

Raindrops keep falling on my head

Hier hoeft geen onderschrift bij……

De dag begon droog vandaag, maar volgens het weerbericht kwam er zware regen (100% zo sprak de man op de tv) dus we zijn vroeg op pad gegaan.

Het is ‘s ochtends 6.30 uur. Het ontbijt staat klaar (rechts naast het huisaltaar hangt de televisie met daarop de weerberichten)

We bezochten eerst tempel 18, met daarin een rij beelden die ik al eerder op een foto had gezien en die op mijn ‘verlanglijstje’ stonden. (Ook gemist vorige keer……..)

Gezellig op een rij, maar ze kijken niet allemaal vrolijk.

Daarna ging de wandeling alweer door prachtige bamboe-bossen.

Hier hing een mysterieuze sfeer, ik ging bijna in de kami geloven……

‘s Middags begon het te spetteren, lange tijd zachtjes, doen we de regenkleding aan? En dan werd het weer droog. Trekken we toch ook maar de regenbroek aan? En toen ging het harder, steeds harder regenen. En dan begin ik ook te twijfelen, daar in de regen, lopen we wel op de goede weg?

De man was erg hulpvaardig, hij zocht lang in het boekje en dit werd nat. Maar ik betwijfel of hij kan kaartlezen.

Onderweg liepen we langs kleine winkeltjes. Het is landelijk op Shikoku en Tokyo is ver weg. Wifi, credit card, geld pinnen bij de Lawson (die toch verder alles verkoopt), dit alles heeft Shikoku nog niet bereikt.

Op de muur van het toilet van Lawson.
En een kapper: ‘cut and perm’
Voor de foto zette ze haar bril af.

We slapen vannacht in ‘Sakamoto’, dachten dat dit een kleine minshuku (eenvoudige herberg) zou zijn, maar het is een hotel met een zalige ofuro (gemeenschappelijk heet-water bad, voordat je er in gaat dien je je eerst goed schoon te boenen, de japanse dames die erbij aanwezig zijn letten hier scherp op). Het is een grote ofuro en als ik er uit stap komt er net een moeder binnen met twee heel kleine meisjes. Allemaal in bad. En ik? Ik ga hier na gloeiend en rozig eten en dan vroeg naar bed. Morgen om 6.30 uur staat het ontbijt klaar.

Buiten gaat de regen door. Mariet zegt: ‘Luister dan, het kan nog harder!’

In het voetspoor van……

‘Loop niet in de voetsporen van de oude meesters,
zoek waarnaar zij zochten’

Dit is het advies van Kobo Daishi. Hij werd in 774 in Zentsuji (tempel 75) op Shikoku geboren. Na zijn studie ontmoette hij een monnik die hem voor het Boeddhisme interesseerde. Hij werd door de keizer uitgekozen om dit in China te bestuderen en hij vertrok, na tot monnik te zijn gewijd, naar Xian, de toenmalige hoofdstad. Na zijn terugkeer werd hij erkend als Daishi (meester), hij werd populair aan het hof en hiermee begon de bloei van het esotorisch Boeddhisme in Japan. (Esotorisch – of Shingon – Boeddhisme is gebaseerd op een geheime leer en wordt van leraar op leerling overgegeven). In Koyasan stichtte hij het hoofkwartier van het Shingon en daar is hij ook begraven. Zijn hele leven keerde hij regelmatig terug naar Shikoku, om zich in de bergen terug te trekken en daar ascetische praktijken te beoefenen.

Hij heeft veel wonderen op het eiland verricht en in de loop der eeuwen zijn er op deze plaatsen tempels gesticht en ontstond er een pelgrimstocht langs deze tempels.

In een grot bij de kaap Muroto (tempel 24) had hij een ‘verlichtingservaring’ en nam de naam Ku (hemel) Kai (oceaan) aan, (de kaap: waar hemel en oceaan elkaar ontmoeten).

Kukai heeft een duidelijke Japanse versie van het Boeddhisme neergezet. Hierin zijn enerzijds veel goden en rituelen van het Indiase Hindoeisme te herkennen, anderzijds is het sterk beinvloed door het Shintoisme, de oorspronkelijke animistische godsdienst van Japan. Dit is waarschijnlijk de reden waarom het Shingon nog steeds populair is.

En waarom 88 of 108 tempels? Volgens Kukai is onze geest door 108 vervuilende staten vervuild en door 108 tempels af te gaan kun je bij elke tempel ‘een staat onder handen nemen’ en zo tenslotte de verlichting bereiken. Enige opmerkingen hierbij: ik begrijp dat de geest vervuilende staten kent, maar 108? Ook begrijp ik niet helemaal waar de 88 dan voor staat. Maar wellicht word me dit de komende tijd duidelijk.

Dus toch een beetje in de voetsporen van de oude meesters.

Bij elke tempel staat minstens 1 beeld van Kobo Daishi, en wij stonden er ook! Hier met Jennifer die met ons mee loopt.

Op weg naar de bewoonde wereld.

Vandaag liepen we langzaam het dal uit.

Speurend naar de herfstkleuren.

De herfst laat hier nog even op zich wachten. Het was vandaag weer warm: 23 graden. Het dal eindigde bij een brede rivier, waar niet zoveel water in stond.

Geen idee waar al het regenwater blijft.

Het was weer een flink stuk naar Bekkaku-tempel 2, waar Kobo Daishi leerde schrijven:

En hij sliep hier ook:

Onder een dekentje.

Onderweg passeerden we een henro hut: deze wordt door de plaatselijke bevolking gebouwd en beheerd. Er zijn zeer eenvoudige henro hutten (een ‘dak’ op 4 palen) en prachtige, zoals deze:

Er staat ook een paraplu!

En alles wat je als ‘henro’ nodig hebt is in deze hut: vers fruit, schrijfgerei, informatie over Tokushima, iets te drinken enz.

Naast de hut ligt een rijstveld waar oude graven in staan.

Ook Japan.

Als we langs de weg verder lopen stopt er onverwachts een auto. Een vrouw stapt uit en rent naar ons toe met een zakje tomaatjes. Osetta! Een gift aan de pelgrim. Het zijn heerlijk zoete tomaatjes, een mooi geschenk. En tenslotte bereiken we tempel 13. Tegenover de tempel ligt een groot Shinto complex. Vaak zie je Shinto en Boeddhisme naast elkaar en soms zijn beide geheel met elkaar vermengd.

Aan de overkant van de straat staat een Shinto tempel.

Naast de tempel staat de ryokan waar we vandaag overnachten. We zien hier weer de andere henro’s waar we onderweg mee hebben kennisgemaakt, o.a. Een Deens echtpaar en een vrouw uit de V.S. We wisselen direct weer alle ervaringen van deze dag uit.

En dit zojuist mijn maaltijd.

Het is nu 10 over 8, de televisie staat aan (een soort Japanse RTL) ik heb gegeten, ben in bad geweest en zo is het genoeg. Ik ga richting bed: een dun matras op de tatami mat. Morgen is er weer een dag en staat om 6.30 uur het ontbijt klaar: de avondmaaltijd in afgeslankte vorm.

Climbe every mountain

Dinsdag 15 oktober – Het was vandaag een dag van pittige heuvels: op en neer – de hele dag van ‘s ochtends kwart over 8 tot ‘s middags kwart over 4.

Tempel 6 in de vroege ochtend.

Maandag 14 oktober – Maar nog even over gisteren….. tempel 6 t/m tempel 10. Sommige tempels liggen dicht bij elkaar (meestal in een stad), de grootste afstand tussen 2 tempels is dacht ik 85 km (langs de kust).

Maar gisteren dus die 5 tempels. We liepen over smalle weggetjes en door kleine dorpjes, langs rijstvelden, over ‘zomaar vlak land’ begroeid met onkruid en we trokken over 2 grote rivieren.

De tempels hebben elk hun eigen accent, eigen sfeer.

De toegangspoort van tempel 9.

Dinsdag 15 oktober – En vandaag stond er maar 1 tempel op het programma maar omdat we gisteren te laat waren voor tempel 11 ‘deden we die er vandaag nog even bij’.

De hoofdhal van tempel 11.

Direct na tempel 11 begon het pad naar tempel 12. En dan bedoel ik direct. Het begon direct met klimmen. We zijn 3x omhoog en dus 3x omlaag gegaan door prachtige bossen met schitterende uitzichten. Toen ik deze tocht 3 jaar geleden liep was het slecht weer. Het regende de hele dag en soms liep ik in een wolk. Ook de tempel heb ik toen maar snel bezocht. Nu was het vaak droog, met heel af en toe een zonnestraaltje en was de regen ‘leefbaar’.

Maar het was zwaar, er waren stukken van het pad weggespoeld en we liepen over grote stukken steen die door de regen glad werden. Ook waren de boomwortels glad. Onderweg stonden er weer beeldige beeldjes van Jizo of een standbeeld van Kobo Daishi.

Hier bijvoorbeeld op de plaats waar hij een wonder heeft verricht. (Zo gaat het verhaal….)

Kobo Daishi bij de boom die hij nav het wonder plantte.
Glibberend in de regen.
Met prachtige uitzichten.

We kwamen dus vrij laat op de derde heuvel bij tempel 12 aan. Direct na binnenkomst door de poort stonden prachtige bomen. Bomen die met de poort voor een prachtige sfeer zorgden. Die poort met die bomen….dat vind ik het allermooiste van tempel 12.

De toegangspoort van tempel 12.

Daarna moesten we nog naar beneden, over de weg zou het lang duren, dus namen we weer ‘afsnij-paadjes’ steil omlaag. Dit hielp dus niet. Rond 5 uur begon het te schemeren en werd het snel donkerder. En waar was de herberg? We vroegen het aan 2 dames in een passerende auto. Zij boden een lift aan.

In de verte branden de lichtjes van de herberg.

10 voor 6 liepen we naar binnen. Direct door naar het eten. De stokjes stonden al klaar.